Decors van Dorus: voorheen ‘De Kindervriend’

Dorus van der Linden haalt herinneringen op aan bijzondere programma’s en mooie decors. Ditmaal over J.J. de Bom voorheen ‘De kindervriend’ (VARA, 1979-1980).

Dorus van der Linden als kapper, kinderleed in J.J. De Bom

Dorus van der Linden veroorzaakt kinderleed voor de leader van J.J. De Bom

“Frans Boelen kwam, na De Stratemakeropzeeshow met een programma waarvan teksten en ideëen wederom werden geleverd door het VARA-schrijverscollectief (Willem Wilmink, Hans Dorrestijn, Jan Riem, Karel Eijkman en Ries Moonen) en wat gepresenteerd zou worden door Wieteke van Dort, Aart Staartjes en Joost Prinsen. Frans Lasès (grafisch ontwerper) en ik (decorontwerper) werden door Frans Boelen gevraagd na te denken over het onderwerp ‘kinderleed’ voor de leader van het programma. Ik dacht gelijk aan: pak voor de billen; lievelingsbeest dood; tandarts; in mijn broek gepoept; haar afgeknipt; brillenglas kapot; vader gaat op elektrische trein staan. Bij de fotodienst van de NOS werden de foto’s hiervoor gemaakt waarin mijn twee kinderen en ik figureerden. Ik weet nog dat ik voor de foto ‘in mijn broek gepoept’ een jongetje, niet mijn zoon trouwens, een koude natte ‘kledder’ van ontbijtkoek en rode kool in zijn kruis drukte waarvan hij verschrikkelijk schrok! Dat leverde een mooie foto op.”

This slideshow requires JavaScript.

“Het decor was zo ongeveer ‘uni-color’, alleen de dingen waar het in die aflevering over ging of belangrijke dingen voor kinderen, zoals het speelgoed, waren ‘full-color’ en kregen zo alle aandacht. Het programma kreeg in 1979 de Nipkovschrijf. Het is nog steeds een van mijn lievelings-kinder-programma’s! De vergaderingen in ‘Hof van Holland’ in Hilversum met het schrijverscollectief en Harrie Bannink, waarbij iedereen zijn plannen inbracht en toetste, zal ik nooit vergeten.”

Cor Hermeler: eenakters Jack Dixon

In de depots heb ik nog een aantal tekeningen gevonden van Cor Hermeler. Het zijn decorontwerpen uit 1957, 1960 en 1962. Geen kinderprogramma’s maar serieuze kost: ontwerpen voor eenakters van Jack Dixon voor de VPRO. Deze en andere tekeningen en plattegronden (onder meer van Weynand Grijzen, Fokke Duetz, Peter Zwart, Jan van der Does) maken deel uit van een schenking van de zoon van de regisseur aan het voormalige Omroepmuseum en maken zodoende nu deel uit van de collectie van Beeld en Geluid.

De man, de kat en het meisje (VPRO, 2-3-1957)

© Beeld en Geluid

© Beeld en Geluid

Voor de VPRO maakt het niet uit of het zaterdag is en alle andere omroepen die avond show, variete en muziek uitzenden, zij houden zich aan hun taak en proberen het volk te verheffen met serieuze kost. Deze avond staan er na de introductie van professor L.J. van Holk en de voordracht van Carmiggelt, twee eenakters op het programma.

Jack Dixon vertaalde en regisseerde een stuk van Morley Roberts: De man, de kat en het meisje. Als ik de informatie uit de nabespreking uit Het vrije volk, de scene-tekeningen en het studio-plattegrond van Hermeler bij elkaar voeg onstaat er het volgende scenario. Een ziek meisje op een zolderkamer is aan haar bed gekluisterd. Door haar raam heeft ze uitzicht op de woning van een jongeman, een architect met modern stijlvol interieur met vlinderstoel en tekentafel. Ze wordt verliefd en probeert haar genegenheid kenbaar te maken door de jongen een kat te laten bezorgen (die scene speelt in zijn portaal). Andre van den Heuvel en Marijke Bakker speelden hun rollen volgens de recencent ‘met een fijnzinnige intuitie voor de broze sfeer van deze eenakter’ en het geheel ‘maakte een uitstekende indruk’.

© Beeld en Geluid

© Beeld en Geluid

Na dit romantische drama kwam de eenakter Wapenshouw (op de plattegrond aangeduid als Het wapen). Joes Odufre regisseerde deze ‘tragi-komische cocktail van tekst, muziek en mime’ van Mark Damen over wapens en hun rol in de problematiek van de mensheid. Deze zwaarmoedige kost werd ‘bijzonder cynisch uitgebeeld, getuigde van een venijnig sarcasme en zat vol met wrange symboliek.’ Dit stuk speelde zich af in de andere helft van studio Vitus in negen verschillende setjes.

Het is niet duidelijk of Hermeler ook dit decor ontwierp, ik heb er nog geen schetsen van gevonden. Het plattegrond in de NTS-stempel is akkoord getekend door Fokke Duetz. Peter Zwart was eind 1956 uitgeschakeld door een maagbloeding en moest enige tijd thuis blijven. Hermeler was al in het voorjaar van van dat jaar begonnen met decors voor kinderprogramma’s en moest dus door het wegvallen van Zwart al snel als volwaardig decorontwerper mee gaan draaien en daarvan zien we hier dus het bewijs.

Waar de vossen lopen (VPRO, 20-10-1960)

Van deze eenakter heb ik alleen een studioplattegrond gevonden. Vitus is op deze uitzendavond een stuk leger. Het neipende tekort aan studioruimte, wat je goed kan zien op de plattegrond hierboven (met 14 sets!), is nog niet voorbij, maar de VPRO maakt het zich deze avond gemakkelijk door een documentaire film (over Copernicus) en een telerecording van een BBC-circusprogramma uit te zenden. Verder komt alleen de vaste rubriek Aan de schrijftafel van professor Van Holk rechtstreeks uit de studio.

© Beeld en Geluid

© Beeld en Geluid

De eenakter zelf is zeker niet gemakkelijk zo blijkt uit de recensie in Het vrije volk (21-10-1960). Het spel is geschreven door Emile Bosch en draait om een Joods gezin en hun angst voor deportatie. Het spel speelt zich, zoals ook op het plattegrond blijkt, grotendeels af rond een ronde tafel waar twee kinderen in opstand komen tegen hun gelovigeen in hun lot berustende ouders. Bij die confrontatoe vallen harde woorden, letterlijk en figuurlijk, volgens De telegraaf (21-10-1960), waar het stuk overigens ‘pijnlijk, hoogdravend, nodeloos scabreus en ordinair’ genoemd wordt. De Vlaamse televisie wilde de eenakter aanvankelijk rechtstreeks overnemen, maar vond bij nader inzien het onderwerp te precair en durfte het niet aan.

© Beeld en Geluid

© Beeld en Geluid

Een gesprek tussen vier mensen aan een tafel is een lastige opstelling voor de regie. In een normale situatie zit je met vier personen in een ruitvorm, twee stellen zitten recht tegenover elkaar. Maar in zo’n opstelling is het onmogelijk alle vier de spelers in beeld te krijgen. De camera moet over de as, een van de camera’s in in beeld, of een van de acteurs is alleen van achteren te zien. In de plattegrond is ongeveer te zien hoe Hermeler en Dixon daarmee worstelden en tot een oplossing kwamen: stoel 4 schuift nog wat dichter naar stoel drie zodat camera twee, verborgen achter de deur naar de trap, de acteur op stoel 4 in beeld kan nemen.

Apollo van Bellac (VPRO 18-1-1962)

Het aardige aan de verzameling decortekeningen van Jack Dixon is dat ze, net als het plattegrond voor Waar de vossen lopen, zijn voorzien van zijn aantekeningen, opmerkingen en toevoegingen, waarschijnlijk gemaakt door regisseur en decorontwerper samen. Maar er moet een moment zijn waarop het ontwerp klaar is en er een grote stempel DEFINITIEF gezet wordt.

© Beeld en Geluid

© Beeld en Geluid

De eenakter Apollo van Bellac is geschreven door Jean Giraudoux. Het jonge meisje Agnes neemt een loopje met de ijdelheid van de mannen om haar heen (voor wie de plt wilt weten, zie Wikipedia). De voorstelling hierboven is een aanzicht van de hal van het kantoorgebouw waar alles zich afspeelt, vandaar de vele deuren rechts en links. De trap en de deur in het midden leiden naar de directievertrekken. In de recensies van De waarheid en De telegraaf (19-1-1962) wordt regisseur Dixon verweten dat de cameravoering te statisch was. De acteurs kwamen nauwelijks van hun plaats, bleven ‘als pilaren in de hal staan’. De speelse inhoud verdiende het volgens de critici om ook speels op het scherm gebracht te worden.

© Beeld en Geluid

© Beeld en Geluid

Cor Hermeler overleden

5-6-2014 Cor Hermeler overleden Afgelopen donderdag is Cor Hermeler overleden. Hermeler kwam midden jaren vijftig bij de NTS te werken als decorschilder. Al snel werd zijn tekentalent opgemerkt door decorontwerpers Peter Zwart en Fokke Duetz. Hermeler ging samen met Jan van der Does het grafische werk verzorgen: titelkaarten, titelrollen en zogeheten ‘animations’. Maar al in mei 1956, zo blijkt uit het stapeltje tekeningen dat ik afgelopen week bij Beeld en Geluid vond, ontwerpt Hermeler waarschijnlijk al zijn eerste decors. Decortjes moeten we misschien zeggen, want het zijn eenvoudige setjes voor de kinderuitzendingen. Veel decorontwerpers begonnen later ook op die manier, ze werden niet gelijk losgelaten op de prestigieuzere eenakters. De kinderprogramma’s waren een oefening in de praktijk, want een opleiding voor tv-decorontwerp bestond niet.

VARA kinderprogramma’s 1956-1957

This slideshow requires JavaScript.

AVRO kinderprogramma’s

This slideshow requires JavaScript.

NCRV kinderprogramma’s

This slideshow requires JavaScript.

Cronenberg & Spier

Screenshot from 2014-06-06 18:47:53
Bij EYE in Amsterdam worden dezer dagen rekwisieten, props en artwork voor de aankomende tentoonstelling over regisseur David Cronenberg (open vanaf 22 juni) uitgeladen en opgesteld. Cronenberg werkt bijna altijd samen met production designer Carol Spier, en zij is dus deels verantwoordelijk voor die typische viscerale science-fiction look in films als Videodrome (1983), The Fly (1986), Dead Ringers (1988), Naked Lunch (1991) en eXistenZ (1999).

In 2012 was Spier te gast bij het IFFR en werd ze geinterviewd door ‘designprofessor’ Timo de Rijk. Het hele interview is gefilmd en online te zien op het YouTube-account van het IFFR. Een goede voorbereiding op de tentoonstelling waar hopelijk veel van haar werk te zien is.

Lingo, Motus

Naast het zoekwerk in de depots bij Beeld en Geluid ben ik nog steeds bezig met het verzamelen van biografische informatie en oeuvrelijsten van decorontwerpers. Zo heeft bijvoorbeeld Gonny Geerlings (die sommige misschien kennen als Gonny Stoffers) vandaag een pagina gekregen in de Beeldengeluidwiki.nl.

Decorontwerp Lingo (VARA, 1989-1995) - prive-archief Gonny Geerlings

Decorontwerp Lingo (VARA, 1989-1995) – prive-archief Gonny Geerlings

Bij haar verhuizing naar Frankrijk heeft zij bijna haar hele archief aan decorontwerpen weg moeten doen, maar gelukkig zijn er een paar dingen ontsnapt aan de papierversnipperaar. Zoals haar ontwerpen voor Lingo (VARA, 1989-1995). Geerlings heeft zeer goede herinneringen aan dit programma en de samenwerking met de opdrachtgever IDTV. Lingo blijkt na het eerste seizoen een hit en voor het tweede seizoen gaat het decorbudget dus omhoog. Het concept blijft hetzelfde maar er er kan nu veel meer qua licht en techniek. Het programma slaat zelfs internationaal aan en IDTV verkoopt het format in 1990 al aan het Franse Antenne 2. Inclusief de vormgeving!

Uit de depots: schetsen Hamelen

Teruggevonden! De mensen achter de website van de kinderserie Kunt u mij de weg naar Hamelen vertellen, mijnheer? (KRO) wisten dat ze er moesten zijn, maar ze waren lange tijd onvindbaar bij Beeld en Geluid. Gelukkig zijn deze schetsen van Jan P. Koenraads nu weer terecht. Regisseur Tineke Roeffen schonk ze in 2000 aan het Omroepmuseum (nu Beeld en Geluid).

De tekeningen staan ook in de Gallery van Jan P. Koenraads in de Beeldengeluidwiki.nl. Meer decortekeningen van Koenraads (en ook van Herman Coenen en Mia Schlosser) voor Hamelen zijn hier te bekijken: Hamelen.kindernet.tv

Decors van Dorus: The basement

Dorus van der Linden stuurt me regelmatig herinneringen en anekdotes die te mooi zijn om voor mezelf te houden. Het beeldmateriaal bij deze reeks artikelen komt uit zijn prive-archief.

Decorontwerp The Basement (VARA)- Dorus van der Linden

The Basement (ca 1966 zomer 1968)
Scenario: Harold Pinter
Regie: Nick van den Boezem
VARA / eindproductie Santbergen (niet uitgezonden)

“Nick van den Boezem wilde als eindproductie van zijn televisieregiecursus bij Opleidingsinstituut Santbergen een gedeelte van het drama The basement van Harold Pinter opnemen en mij werd gevraagd daarvoor het decor te ontwerpen. Centraal in het decor stond een ijzeren spijlenbed waarop zich het een en ander afspeelde. Van den Boezem had mij verteld de acteurs de vrijheid te hebben gegeven hoe ver ze hierin wilden gaan, en dat was nogal ver!

Iedereen die niet bij de opnamen nodig was werd daarom verzocht de studio te verlaten. De brandweerman die naast mij stond verkneukelde zich: “mij kan hij niet wegsturen”. Na de opname ging ik terug naar het omroepkwartier waar ik onmiddelijk bij chef Jan van der Does werd geroepen: “Wat was er in Santbergen aan de hand?” “Gewoon een drama-opname van de VARA”, zei ik. Even later werd ik ook bij Arie van den Dool, de chef van Van der Does, ontboden en werd mij weer hetzelfde gevraagd.

Ik heb begrepen dat Van den Dool toen een officieel protest heeft ingediend bij de VARA. Hij mocht, zo vond hij, zijn personeel niet aan dergelijke zaken blootstellen. Dat enkele jaren later de EO weigerde homoseksuele medewerkers van de NOS bij hun programma’s te laten werken mocht kennelijk wél, dáár kon de NOS zijn personeel wél aan blootstellen, en daar had IK nou moeite mee!”

Decorontwerp The Basement (VARA)- Dorus van der Linden

Op de tekeningen staat twee maal hetzelfde kelder-appartement waar het in het stuk om draait. Twee mannen vechten om het appartement en een vrouw, waarbij de inrichting en aankleding van het appartement verandert naarmate de een of de ander de overhand krijgt. 

Uit de depots: basisdecor 1951

Een van de doelen van het project ’50 jaar tv-decor’ is het veilig stellen van erfgoed van decorontwerpers. Het veiligste is wat dat betreft de kelder van het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid en daar zijn dit jaar bijvoorbeeld de archieven van Freek Biesiot en Peter Zwart ondergebracht.

Maar Beeld en Geluid en voorheen het Omroepmuseum hebben in de loop van de jaren natuurlijk veel meer materiaal verzameld via decorontwerpers, programmamakers en andere omroepmedewerkers. De komende weken ga ik daarom in de depots en catalogi inventariseren wat er precies aanwezig is op het gebied van decorontwerp.

De eerste ‘vondsten’ zijn veelbelovend. Zo lag tussen een stapel plattegronden van studio Irene en de Ambachtsschool de werktekening van Peter Zwart voor zijn basisdecor; een set van wanden, deuren, ramen en andere delen waarmee een veelvoud aan decors gebouwd konden worden.

 

12 punten

Ja, het liedje was wellicht wat saai, maar wat zag het er goed uit! De Belgische regisseur Hans Pannecoucke creeërde een intiem rustpunt in een visueel overweldigende spektakelshow en zijn bijdrage aan het onverwachte succes van het nummer “Calm After the Storm” is niet te onderschatten. Pannecoucke maakte de inmense ruimte kleiner door veel zwart te laten, dicht om de artiesten heen te cirkelen, hij gebruikte zeer weinig shotwissels en de zwart-witte animaties op vloer en achterwand paste mooi bij de tekst en sfeer. In veel andere registraties vielen de zangers en zangeressen in het niet bij de fantastische lichtshows, het vuurwerk/rook, de graphics op vloer, achterwand en vierkante stellage, dansers, rolschaatsers, trampolines, wip-waps en overweldigende totaalshots. Dat had de Nederlandse inzending allemaal niet nodig. Een goed liedje, passende vormgeving (ook de stijlvolle jurk van Claes Iversen!) en een perfecte registratie leverde helaas geen eerste plaats, maar toch een resultaat waar de betrokkenen tevreden over mogen zijn.

Zie verder:

Eurodisco design

De set van het Songfestival bestaat dit jaar uit een diamantvormig raster van kubussen en een drukgevoelige LED-vloer die beide vooral dienen als schermen voor graphics en licht. Het ontwerp is van de Deense decorontwerper Claus Zier, die veel tv-shows en Deense Songfestivals vorm heeft gegeven en lichtontwerper Kasper Lange. Bij de Olympische Winterspelen zagen we ook al een vloer-als-scherm en dat levert echt mooie beelden op, zeker als daar iemand overheen danst of rolschaatst en daarmee de ‘projectie’ beinvloedt. Het doet me denken aan de archetypische showtrap die stap voor stap aan gaat en de discovloer uit Saturday Night Fever, maar dan in het extreme doorgevoerd. Wat vinden jullie ervan?

discoMeer lezen over het decor van het Eurovisie Songfestival:

AANVULLING: Zoals Guus Verstraete al tijdens de uitzending aan Conrad Maas doorbelde, komt het fantastische podium uit Nederland. Bekijk ook zeker even onderstaand filmpje waarin Claus Zier en producent Per Zachariassen het decor, de materialen en de techniek toelichten.