Spitten

Hieronder een artikel wat ik schreef voor de Aether, blad voor fonografie en omroepgeschiedenis naar aanleiding van het archief van Peter Zwart. 

Ruim een jaar geleden besloten voormalig decorontwerper Freek Biesiot en ik de geschiedenis van ‘zijn’ afdeling -hij was een paar jaar chef- van de vergetelheid te gaan behoeden. Wat was er namelijk gebeurd? Bij de ontmanteling van de afdeling Decorontwerp in de jaren negentig werden bij elke verhuizing en elk ontslag archiefkasten geruimd, lades geleegd en dozen in de vuilniscontainer gegooid. Er waren in de nadagen van de afdeling ook wel zaken mee naar huis genomen – Freek redde zo’n 1.500 kleurendia’s van vernietiging en bewaarde keurig zijn eigen tekeningen – maar wat was er nog meer, waar en hoeveel? Met dank aan het Mondriaan Fonds kon het speurwerk beginnen.

Het belangrijkste archief wat in het kader van het onderzoek is gevonden én is geschonken aan Beeld en Geluid, is van decorontwerper ‘nummer één’: Peter Zwart (1911-2000). De schenking bevat een aanzienlijke stapel decortekeningen, twee geschilderde portretten uit het decor van De toverspiegel, tientallen foto’s, krantenknipsels en veel documentatie over kleurentelevisie en de kleurenschaal die hij daarvoor ontwikkelde. Het meeste keek ik uit naar alles van vóór maart 1955. Toen begon namelijk de tweede decorontwerper, Fokke Duetz (1910-1989). Het zeer complete archief van Duetz was al eerder via het Theater Instituut Nederland bij Beeld en Geluid terecht gekomen. Ik had dus al iets kunnen zien van de werkwijze van de decorontwerpers vanaf 1955. Maar hoe was Peter Zwart in zijn eentje op dat punt aangekomen?

Jan Jonker, Peter Zwart en Jac Hey bij een achterdoek. Rechts zijn onderdelen van het basisdecor te zien, op een van de schotten zit nog een stukje van de futuristische muurbeschildering uit De toverspiegel. © fotopersbureau Particam, fotograaf Aart Klein.

Jan Jonker, Peter Zwart en Jac Hey bij een achterdoek. Rechts zijn onderdelen van het basisdecor te zien, op een van de schotten zit nog een stukje van de futuristische muurbeschildering uit De toverspiegel. © fotopersbureau Particam, fotograaf Aart Klein.

Over hoe Zwart die eerste jaren werkte, heeft hij zelf verschillende malen verteld. Bijvoorbeeld in 1991 bij een interview voor het ‘Oral history’-project van het voormalig Omroepmuseum. Ik kon dus Zwart in eigen woorden horen vertellen over zijn eerste decor (De toverspiegel NTS, 2-10-1951) en de twee zwart-wit geschilderde portretten die zijn dochter aan Beeld en Geluid schonk. Drie kwartier voor aanvang van die allereerste uitzending vindt Erik de Vries de muren in het zeventiende eeuwse hoekje nog wat kaal, of daar niet twee portretjes á la Frans Hals kunnen komen? Zwart schildert naar eigen zeggen razendsnel twee portretten en hangt ze nog nat aan de muur als het tv-signaal de lucht in gaat. Het leek me een sterk verhaal – Zwart kon volgens oud-collega’s en zijn kinderen fantastische verhalen verzinnen- maar het klopt wel deels. Op de foto’s van de repetitie voor De toverspiegel hangen inderdaad twee lege schilderijlijsten. (Zie ook op deze site: De twee oudste tv-rekwisieten)

De verhalen van Zwart over de beginjaren bij de televisie zijn allemaal te onderbouwen met de bronnen in zijn archief. Zwart vertelde bijvoorbeeld in 1977 aan een journaliste van de VARA: “Het was bouwen en ontwerpen tegelijk. Ik weet nog goed dat ze [regisseurs] bij me kwamen in de studio om over de volgende uitzending te praten en dat er geen papier was. Ik tekende het dan maar achterop een sigarendoosje. “Bedoel je zoiets?”. Nou, dan kwam het verder wel in orde.” In het archief geen sigarendoosjes, maar ook geen mooie schetsen, eigenlijk is er vrijwel niets uit de experimentele periode. Het oudst bewaard gebleven decorontwerp is voor een optreden van The Ramblers op 29 januari 1952 (VARA). Het doorzichtige velletje is op beide kanten vol gekrabbeld. Het ziet er -vergeleken met de kwaliteit van de latere decortekeningen- absoluut niet uit als iets wat achter een tekentafel tot stand is gekomen. Met mondelinge afspraken en zijn eigen betrokkenheid bij de bouw en decoratie, was er geen noodzaak en ook geen tijd om uitgebreide tekeningen te maken. (Zie ook op deze site: The Ramblers)

Plattegrond voor 4-11-1952, Peter Zwart moet woekeren met de ruimte. Collectie Beeld en Geluid/Peter Zwart

Plattegrond voor 4-11-1952, Peter Zwart moet woekeren met de ruimte. Collectie Beeld en Geluid/Peter Zwart

Als ik afga op Zwarts archief, dient de noodzaak om wél tekeningen te gaan maken zich aan op 4 november 1952 bij de eenakter Het is tijd dr Schweitzer (NCRV). Studio Irene was vanaf het begin af aan al klein voor een televisiestudio en het oog van regisseurs werd wel alsmaar groter. Zwart moest ‘woekeren met de ruimte’ en dat is duidelijk te zien op de plattegrond voor Dr. Schweitzer: elk hoekje van de studio is benut, de pianio is onder de trap geschoven en de omroepster doet haar aankondiging voor een wegzwenkend wandje. In de De Telegraaf van 28 februari 1953 vertelt Zwart dat hij niet alleen een plattegronden tekent, maar ook een stuk of drie belangrijkste scenes. Bij het artikel staan drie van die scene-tekeningen afgebeeld uit december 1952. Op de foto bij een artikel van enkele maanden later, weer in De Telegraaf (12 mei 1953) zien we Zwart op een ladder in de studio met op zijn schoot en voor zijn voeten een flinke stapel mappen met papier. Maar waar zijn al die plattegronden, scene-tekeningen en die stapel mappen gebleven?

Portret van Peter Zwart voor De Telegraaf. Fotograaf Stevens, mei 1953

Portret van Peter Zwart voor De Telegraaf. Fotograaf Stevens, mei 1953

Hoewel Zwart dus waarschijnlijk vanaf eind 1952 een systeem heeft (met plattegronden en scene-tekeningen), zijn er pas vanaf de zomer van 1954 met steeds grotere regelmaat tekeningen bewaard gebleven. Een oorzaak hiervoor is misschien te vinden in de tekeningen voor Keizer Rasjudan verveelt zich (VARA) van 6 april 1954. Deze tekeningen zijn voor het eerst op calqueerpapier en er is tevens een lichtdruk van. Enkele weken schaft Zwart een tekenblok calques aan en vanaf dan wordt het archief steeds vollediger. De niet-gereproduceerde tekeningen verdwenen vermoedelijk ergens in de loop van het productieproces, werden mee naar huis genomen door regisseurs, cast of crew, misschien wel simpelweg weggegooid.

De eerste lichtdruk, Keizer Rasjudan verveelt zich (VARA, 6-4-54). Collectie Beeld en Geluid/Peter Zwart

De eerste lichtdruk, Keizer Rasjudan verveelt zich (VARA, 6-4-54). Collectie Beeld en Geluid/Peter Zwart

Waarom begon Peter Zwart met het reproduceren en bewaren van tekeningen? De schaalvergroting is mijns inziens de belangrijkste reden. Er kwam meer geld voor tv, meer uitzendtijd, meer personeel en hoe meer betrokkenen in het productieproces, hoe meer tekeningen er nodig waren. Misschien was het zelfs al om de tekeningen te vergelijken met het opgeleverder decor. Was er wel opgeleverd wat er door middel van de tekening was afgesproken tussen ontwerper en regisseur, tussen ontwerper en bouwers? Mondeling afspraken en persoonlijke betrokkenheid waren niet meer voldoende om een decor te realiseren.

This slideshow requires JavaScript.

Vanaf maart 1955 is Peter Zwart niet meer de enige decorontwerper. Rond die tijd, of wellicht eerder, betrekt de afdeling (decor)ontwerp de serre van het Maagdenhuis, een gebouw om de hoek van Studio Irene. Het feit dat de decorontwerpers een vaste werkplek hebben, zal van van positieve invloed zijn op de hoeveelheid tekeningen die bewaard zijn gebleven. Als ik de tekeningen van Duetz en Zwart samenvoeg, is er een nagenoeg compleet archief van de periode 1955 tot 1961. Ook ontwerpen van Cor Hemeler en Jan van der Does, de grafische medewerkers die in 1955 ook een piepklein ateliertje kregen in het Maagdenhuis, zitten in beide stapels. Zo is er in ieder geval van het eerste decenium een (bijna) compleet archief. Nog maar dertig jaar te gaan…

I go walking in your landscape

This slideshow requires JavaScript.

I go walking in your landscape is de titel van de tentoonstelling van fotograaf en videokunstenaar Kim Bokse die aanstaande zaterdag opent in Museum Hilversum. Aansluitend op de thema’s in haar werk heb ik een aantal werken van videokunstenaars en mediaontwerpers gekozen en deze zijn eveneens vanaf zaterdag te zien. Van de Hoofdafdeling Ontwerp is een zeer mooie titelrol te zien van Ton Holst en van de voormalige vakgroep Decoratie (nu Hollandse Handen) hangt een achterdoek. Wat dat precies te maken heeft met het werk van Kim Boske? Dat kan je het beste zelf komen bekijken!

De opening is zaterdag 27 september om 15.30 en iedereen is welkom. Ook daarna (tot en met 7 december) ben je uiteraard van harte welkom. Meer info: Museum Hilversum

Peter Zwart: The Ramblers

Het is geen bijzonder decor en ook de schets is niet zo mooi, toch is het bovenstaande velletje bijzonder. Het is namelijk het oudst bewaard gebleven decorontwerp op papier (na het ontwerp voor het zogeheten basisdecor). Peter Zwart maakte het voor het eerste televisieoptreden van The Ramblers op 29 januari 1952 (VARA). Hij schetste de twee zijdes van een dun velletje papier vol met een vooraanzicht, een bovenaanzicht, noten en de bandnaam.

Uit de eerste twee jaar zijn maar heel weinig tekeningen bewaard gebleven. Daar zijn meerdere oorzaken voor te bedenken. In een kleine groep van NTS-medewerkers en regisseurs werden de meeste afspraken waarschijnlijk mondeling gedaan. Men werkte intensief samen, Zwart schilderde en bouwde in de studio mee aan het decor, en regisseurs gaven tijdens de repetitie nog wat veranderingen door die dan op het laatste moment geregeld moesten worden (zoals bij De toverspiegel). Zodoende waren tekeningen als communicatiemiddel waarschijnlijk overbodig.

Maar hoe zit dat dan met bovenstaande tekening voor het decor voor The Ramblers? Misschien maakte Zwart wél regelmatig tekeningen, maar zijn deze gewoon verdwenen. Als we bedenken hoe zijn werkweek er in die periode er ongeveer uit heeft gezien, is dat eveneens een aannemelijke verklaring. Zwart reist in heen en weer tussen zijn atelier thuis, Studio Irene en de werkplaats aan de Plaggenweg in Bussum. De besprekingen met regisseurs vinden plaats in de studio of in De Karseboom, bij Hamdorff, bakkerij Thönis, Gooiland, omroepgebouwen of bij de regisseurs thuis. Als hij geen tekenblok bij de hand heeft (zoals bij de schetsen voor de Wintermodeshow van 3 oktober 1952), schetst hij op servetjes, sigarendoosjes of kladvelletjes zoals hierboven. Al met al geen ideale situatie om een consequent archief op te bouwen.

Decors van Dorus: Tim Tatoe

Dorus van der Linden vertelt over opvallende producties en achter de schermen-schermutselingen. Dit maal over Tim Tatoe, een cowboy-serie geschreven door Wim Meuldijk voor de VARA. Rudi Falkenhagen speelt de titelheld, een cowboy die met bruine bonen schiet.

This slideshow requires JavaScript.

Dorus van der Linden: “Oktober 1965 zijn de eerste besprekingen voor het programma met Henk Barnard, toen al een bekende regisseur door Ja zuster, nee zuster. Er zijn meerdere opnamedagen gepland in een decor in Studio IIIB en op locatie in de duinen. Die scenes worden daarna in de montage, samen met nog wat mooie landschappen uit bestaande Amerikaanse films, tot acht delen gemonteerd. Barnard gaat akkoord met mijn ontwerpen voor de studiosets en de eerste opnames verlopen zonder problemen.”

De Telegraaf, 19-10-1965

De Telegraaf, 19-10-1965

“Na de eerste opnamedag vertelt Barnard me dat Wim Bary de volgende afleveringen  zal regisseren. Bary was in de jaren vijftig tv-regisseur geweest, maar vertrok om schouwburgdirecteur te worden in Tilburg. Hij is daar net met onenigheid weer vertrokken en maakt met Tim Tatoe zijn rentree bij de tv, het een en ander wordt ook uitgebreid beschreven in De Telegraaf, waar Bary goede contacten heeft, zo zou later blijken.”

“Bij de volgende opnamedag hoor ik van de toneelmeester iets merkwaardigs. Hij heeft van Bary de opdracht gekregen om grijze gordijnen voor het decor te trekken! Ik verbied hem dat te doen en zoek direct mijn chef Jan van der Does op. Wim Bary hoort ondertussen mijn reactie van de toneelmeester en doet bij Henk van der Meyden van De Telegraaf zijn beklag. Van der Meyden ruikt een sappig verhaal en stap in de auto op weg naar Bussum. De regie-assistente brengt mij hiervan op de hoogte, daarop neemt Jan van der Does contact op met Arie van den Dool, hoofd van de Dienst Programma Faciliteiten en die instrueert de portier van Studio IIIB om Van der Meyden de toegang tot IIIB te ontzeggen.”

This slideshow requires JavaScript.

“Enige tijd later zit ik in de foyer van de studio aan tafel met de hoge heren van de VARA en de NTS, Wim Bary en de regie-assistente. Ook Barnard schuift aan. Bary is van mening dat hij als regisseur toch zeker in zijn recht staat. Als hij grijze gordijnen wil in plaats van decor, dan moet dat gebeuren. Maar afspraak is afspraak. Mijn tekeningen waren – weliswaar door Barnard- al goedgekeurd  en dus Bary moet het programma in mijn decor opnemen. Niet lang daarna haalt de VARA hem van de serie en wordt hij weer schouwburgdirecteur.”

This slideshow requires JavaScript.

Meer foto’s in de Beeldengeluidwiki.nl: Gallery Tim Tatoe

In het depot: archief Jaap Binnerts

wikiFreek en ik hebben het archief van Jaap Binnerts in recordtempo onderzocht, gefotografeerd en in de Beeldengeluidwiki.nl gezet. Via de links in de rechterkolom in de oeuvrelijst van Binnerts (“Gallery: Programmatitel”) zijn decortekeningen, props en maquettes uit zijn archief te zien. Soms ook in combinatie met foto’s van de fotodienst.

Maar er zijn nog twee vraagtekens. Onderstaande maquettes hebben we nog niet aan een programma kunnen koppelen. Herken je iets? Laat een reactie achter onder dit bericht of mail naar info@vormvanvermaak.nl

Decors van Dorus: Show!

Dorus van der Linden vertelt over de opmerkelijkste programma’s uit zijn lange carriere bij de Nederlandse televisie. Shows en amusementsprogramma’s hadden niet zijn voorkeur, maar decorontwerpers moesten in principe overal inzetbaar voor zijn…

Zaterdagavondakkoorden van Jos van der Valk, 1965. Collectie: Beeld en Geluid

Zaterdagavondakkoorden van Jos van der Valk, 1965. Collectie: Beeld en Geluid

Dorus: “Bij de foto’s van Hub Berkers zag ik een foto, en ik wist het weer! Zaterdagavondakkoorden van Jos van der Valk, maatpak, stralend gebit, charmant, dat is het programma wat ik het minst bij mij vond passen. Piste uit Treslong in Hillegom was ook zo’n programma. Bijna alle ontwerpers toen hadden deze programma’s wel op hun lijstje staan. Het was meer iets voor Cor Hermeler, die was daar goed in. Maar goed, ik moest ‘n keer.”

“Ik was op werkbezoek in een metaalfabriek waar groot stanswerk werd gemaakt. Hele banen metaal gingen door de machine en daar werden metalen cirkels uitgestanst. Die cirkels interesseerden mij niet zo maar de overgebleven banen met grote ronde gaten des te meer. Wanneer ik nu de foto van dat decor zie herinner ik mij dat dat mij op het idee voor dit decor bracht. Jos van der Valk bleek trouwens meer dan maatpak, gebit en charme. Een aardige regisseur om mee te werken!”

This slideshow requires JavaScript.

Dorus: “Zoals uit mijn oeuvrelijst wel blijkt heb ik ook niet zo’n groot aandeel gehad in de vormgeving van TROS-programma’s. De oorzaak ligt in mijn gevoel waarom, na de academie, ook de reclame mij niet trok. Maar mijn herinneringen aan de TROS-show met Marcel Amont zijn overweldigend, net als die aan regisseur Karel Prior!”

“Ik had een heel groot decor in de studio laten bouwen met zelfs twee verdiepingen, wat in die tijd behoorlijk ‘uitpakken’ was. Arie van den Dool, getipt door de afdeling Decorproductie, kwam zelfs even kijken in de studio en zei, de boel bekijkend: “Was dat nou wel allemaal nodig, mijnheer van der Linden?”

Wintermode 1952

This slideshow requires JavaScript.

Omdat het van dat echte winterjassenweer is, een winters ontwerp. Bovenstaande schetsen zijn een van weinige schetsen uit de experimentele periode in het archief van Peter Zwart. Hij maakte ze voor een modeshow van mantels en wintermode die op 3 oktober 1952 op de televisie is gebracht door Dick Simons. De Libelle (no 44, p. 32-33) deed verslag van de voorbereidingen:

“Vooraf nog dit: Denkt u vooral niet te licht over dit onderdeel van het televisie-programma! Tien dagen is er door regisseur Dick Simons en zijn technische staf aan de voorbereidingen gewerkt, zes speciale decors moesten ontworpen en op de dag van de uitzendingwerd tot vijf uur s middags aan een stuk gerepeteerd. Ieder detail van zo’n televisieshow vereist grondige voorbereiding.”

Op de foto’s hieronder is te zien dat de bovenstaande tekeningen geen decors zijn geworden, maar achterdoeken. Achter elk poortje zijn dus drie changementen voor de achterdoeken. De toneelmeester (of regisseur?) op een van de foto’s ziet er met zijn korte mouwen en zonnehoedje uit alsof hij net van het strand komt. Zo’n temperatuur zal het ook wel zijn geweest in de studio. Wat zullen de modellen het warm hebben gehad in hun winterkleding! De modeontwerper is overigens mevrouw J.E. Agema-Velthuyzen en de hoeden zijn van Peter Voorn.

This slideshow requires JavaScript.

In het depot: archief Hub Berkers

Afgelopen woensdag heeft Hub Berkers zijn archief overgedragen aan Beeld en Geluid. Hij had zelf alles al gedigitaliseerd en beschreven, dus de verwerking gaat dan lekker snel. Op Hubs pagina op deze site staat een lijst met wat er ongeveer naar het depot is gebracht en uiteraard gaan we dat de komende tijd in de Beeldengeluidwiki.nl en hier op het blog plaatsen.

Alvast een aantal voorproefjes: Hub bewaarde ook een aantal ontwerpen van collega’s. Zo is daar een tekening van Juliënne van der Erve (de eerste!) voor Swiebertje, twee aquarellen van Fokke Duetz, een aquarel van Jan P. Koenraads en nog een kostuumschets van Wim Bijmoer.

This slideshow requires JavaScript.

 

Tweede voorproefje komt uit de grote verzameling ontwerpen, foto’s en knipsels van De Willem Ruis Lotto show (VARA, 1981-1984) en de Sterrenshow (1984-1986) waar Hub eerste maandelijks, later wekelijks de meest geweldige showdecors en spelsets voor ontwerpt. ‘Wervelstorm’ Willem Ruis sterft vlak na de laatste uitzending van de Sterrenshow, nog veel te jong. Hub bewaarde een mal van Ruis zijn gezicht, ooit gebruikt voor een optreden van theatergroep Mummenschanz (waarschijnlijk de uitzending van 11-12-1985), en liet daar een paar jaar geleden een aantal afdrukken van maken in plexiglas voor de dochters van Ruis. Een van die exemplaren is nu ook naar Beeld en Geluid gegaan. Een mooi aandenken aan de legendarische showmaster.

 

This slideshow requires JavaScript.

De Sterrenshow is een mooi bruggetje naar Adine van den Bosch (nu Adine de Planque – van den Bosch) die in 1985 stage liep bij Berkers. Ik sprak haar en Annechien Braak, Ellen Dekker en Liesbeth Jimmink afgelopen dinsdag over hun ervaringen op de Afdeling Decorontwerp. Zij werkten daar direct na hun studies (Rietveld en KABK) van ca. 1985 tot 1992. Ik zal binnenkort uitgebreider verslag doen, hun biografieën en oeuvrelijsten heb ik deze week al toegevoegd aan de Beeldengeluidwiki.nl.

Tineke Roeffen

Dit is een gastblog van Freek Biesiot

Soms zijn er zoveel aanwijzingen die in een bepaalde richting wijzen dat je er wel gehoor aan moet geven. In dit geval leidde het tot een bezoekje aan de regisseuse Tineke Roeffen.

1) Door het spitwerk van Liselotte in de gedeeltelijk ongedocumenteerde schatten in de kelders van Beeld en Geluid kwam er een stapeltje ontwerptekeningen tevoorschijn die Jan P. Koenraads voor het programma Kunt u mij de weg naar Hamelen vertellen, mijnheer (hier te zien). Deze tekeningen zijn een jaar of tien geleden door Tineke aan het Museum geschonken, maar komen nu pas weer tevoorschijn.

Glasobject voor het Nationale Songfestival 1969, ontwerp van Biesiot en Andrie Copier

Glasobject voor het Nationale Songfestival 1969, ontwerp van Biesiot en Andrie Copier

2) Mijn eigen ontwerp voor het Nationale Songfestival in 1969 werd ineens weer actueel omdat het tijdschrift Fjoezzz van de Vereniging Vrienden van Modern glas, wel wat meer wilde weten over het enorme glasobject dat ik toen samen met Andries Copier en de glasfabriek Leerdam heb gerealiseerd als onderdeel van het decor in het Theater van het Congrescentrum in Den Haag. Dat Songfestival werd geregisseerd door Tineke.

3) Tijdens een open-atelier dag in Den Haag stapte ik binnen bij Wieteke van Dort en zo kwamen we, behalve natuurlijk over Indië, te spreken over Hamelen en haar vriendin Tineke, die volgens haar zeggen bezig was haar memoires te schrijven over die spannende begintijd van de televisie.

Kort en goed, ik maakte een afspraak om Tineke te bezoeken in Baarn, dat gesprek is inmiddels achter de rug. Zij blijkt de allereerste vrouwelijke regisseur te zijn geweest, wat op zichzelf al een memorabel feit is, ze was vanaf 1954 in dienst van de KRO.

Tineke Roeffen is inmiddels 87 jaar maar ze weet nog boeiend te vertellen over die tijd, met een feilloos geheugen voor namen van alle mensen die toen bij de omroepen betrokken waren bij de omschakeling van het radiobedrijf naar het televisietijdperk.

Ik heb hier haar manuscript voor mij liggen: En toen was er…. televisie, herinneringen aan de begintijd van de Nederlandse televisie. Het is voor ons project Vorm van vermaak misschien een beetje een zijlijn, maar het geeft wel veel inzicht in hoe die eerste tijd er uit heeft gezien en dat is toch wel heel leuk. Dus, ‘wordt vervolgd’…

Deze tekeningen hangen bij Tineke mooi ingelijst aan de muur maar komen wellicht tzt ook naar de collectie van Beeld en Geluid.

This slideshow requires JavaScript.

Twee nieuwe aanwinsten voor Beeld en Geluid

Freek Biesiot kwam deze week een wagen vol decortekeningen en maquettes afleveren bij Beeld en Geluid. Want regisseur Anneke Hoog Antink, weduwe van Jaap Binnerts heeft zijn archief aan Beeld en Geluid geschonken. Naast prachtige tekeningen voor bijvoorbeeld de Decamerone-serie zitten er drie leuke maquettes bij.

DSCF8794

Maar er is meer! Cor Straatmeyer, voormalig chef van de afdeling Decorontwerp, heeft ook een mooie schenking gedaan aan Beeld en Geluid. Hij schonk zijn collectie decortekeningen waarin veel werk van Wim Bijmoer, maar ook enkele ontwerpen van onder andere Cor Hermeler, Henk Tilder en Jan P. Koenraads. Freek en ik gaan het allemaal onderzoeken, fotograferen en ervoor zorgen dat het een goede plek krijgt in de depots van Beeld en Geluid.

Ik hoop over niet al te lange tijd meer te kunnen laten zien van deze twee schenkingen!