Stanley Kubrick en Saul Bass 2

De tweede keer dat Saul Bass iets ontwierp voor een film van Stanley Kubrick was voor The Shining. In de Kubrick-tentoonstelling bij het EYE filminstituut krijgen we een inkijkje in dat proces. Naast twee brieven van de ontwerper zijn de eerste vijf schetsen te zien met het commentaar van Kubrick.

Titelontwerp The Shining met aantekeningen van Stanley Kubrick - Saul Bass, 1978. Collectie: The Stanley Kubrick Archive at the University of Arts London

De vijf ontwerpen zijn duidelijk aan elkaar verwant, allen zwart-wit en in dezelfde korrelige textuur die mogelijk verwijst naar de heg van het labyrint en telkens de titel en daarboven een afbeelding. Kubrick heeft op alle vijf de schetsen opmerkingen geschreven. Over een van de ontwerpen met een doolhof: “Too much emphasis on the maze, I don’t think we should use the maze in ads.” Over een ontwerp met een man, vrouw en kind tegen een achtergrond met stralen: “looks like science fiction film”. Over het ontwerp met een afbeelding van het hotel: “Hotel looks peculiar”. Maar vooral de grof korrelige structuur van logo en afbeeldingen, vond hij niet goed: “I don’t like the dots for the logo, it will not look good small. Even the size above is difficult to read” en bij een andere schets: “artwork too spread out, too sprawling, not compact enough.”

Op de begeleidende brief bij het artwork heeft Kubrick al drie suggesties gekrabbeld. De eerste is onleesbaar, de tweede meldt iets over “fog” en de laatste is simpelweg “face”. Bass maakt nieuwe ontwerpen. Het gezicht, wel in dezelfde korrelige (mistige?) trend verwerkt hij in de eerste letter van de titel. Het wordt, zoals ik in de vorige post al zei, geen iconisch beeld voor de film, zoals de opgeheven arm voor Spartacus (Kubrick, 1960) of de spiraal voor Vertigo (Hitchcock, 1958). Iconisch werden wel een aantal andere beelden en shots uit de film. Met name het vrolijk grijzende gezicht van Jack Nicholson als hij zijn vrouw met een bijl komt vermoorden (“Heeere’s Johnny!”), maar ook de meisjestweeling in blauwe jurkjes (deze kostuums staan ook in de tentoonstelling in het EYE!), het zoontje op zijn driewieler in een van de gangen (en het opvallende patroon van de voerbedekking in deze gang) zijn beelden die op het netvlies van de bezoekers bleven branden. Naast het affiche van Bass, verscheen daarom al snel een versie met een collage van shots uit de “Heeere’s Johnny”-scene. Wel met de typografie van Bass, maar zonder het gezicht in de eerste letter.

Keith Haring in New York

Vorige week was ik in het Brooklyn Museum (NY, VS) waar een tentoonstelling over de New Yorkse periode van Keith Haring (1958-1990) was. Dat heeft natuurlijk weinig met televisievormgeving te maken, maar de televisie figureert wel in veel van zijn werken.

Keith Haring @ Brooklyn Museum of Art

Als je niet in de buurt bent is er via het web nog genoeg te beleven aan deze tentoonstelling. De Keith Haring Foundation publiceert gedurende de expositie elke dag één pagina uit de dagboeken van Haring op Tumbler en er is een playlist op iTunes met muziek die hem die periode beïnvloedde.

Studio Sport EK 1984

Vanavond voetbal! Vormvanvermaak.nl haakt ook lekker in. Op YouTube vond ik deze prachtige Studio Sport leader voor het EK 1984. De heren (en dames) die begin jaren tachtig tiener waren, zullen het vast herkennen als het spel Voetbal Manager. Voor Carlo Delbosq was het de eerste keer dat hij computeranimatie in een tv-leader gebruikte. Delbosq: “In mijn vrije tijd speelde ik een voetbalspelletje op de Commodore 64. Toen kwam een opdracht van Studio Sport voor een leader van het EK. Dus ik heb gewoon beelden uit het voetbalspelletje gebruikt.” Het klinkt makkelijker dan het is, want het overzetten van computerbeeld naar televisiebeeld is nog een hele klus.

Binnenkort: Frans van der Aa

Frans van der Aa was de afgelopen weken zo vriendelijk om mij uitvoerig te woord te staan over de periode dat hij bij de NOS werkte. Eerst was hij anderhalf jaar chef Grafisch Ontwerp en daarna, van 1975 tot 1989, leidde hij de grafici én decorontwerpers als chef van de hoofdafdeling Ontwerp. Binnenkort een verslag van die gesprekken, maar als ‘teaser’ alvast de vacature waarmee het in de zomer van 1973 allemaal begon.


De paginagrote advertentie verscheen in reclamevakblad Ariadne op 31 mei 1973, p. 35. Collectie: ReclameArsenaal.nl

Een eeuw vintage Beeld & Geluid

Arno Weltens - Een eeuw vintage Beeld & Geluid

De titel van Vorm van vermaak ontleenden we aan een rubriek van Roy in de VARA Gids. Hierin schreef hij over de vormgeving van de gadgets van vroeger. De depots van Beeld en Geluid staan namelijk vol met mooie, grappige, unieke en historisch belangrijke radio- en televisieapparaten en andere consumentenapparatuur op het gebied van beeld en geluid. Één van de mensen die aan de basis stond van deze collectie is Arno Weltens. Hij is opgeleid als binnenhuisarchitect en sinds 1981 werkzaam bij de NOS als chef van de afdeling rekwisieten. Daarna speelde hij een belangrijke rol bij het Omroepmuseum (sinds 2002 opgegaan in het NIBG).

Zijn affiniteit met geschiedenis en vormgeving komen nu opnieuw samen in het boek Een eeuw vintage Beeld & Geluid. Weltens stelde een boek samen met de hoogtepunten op het gebied van productvormgeving. Niet alleen uit de Beeld en Geluid collectie trouwens. Hij putte ook uit de archieven van Harry de Winter en van Frank van Weegen. Het boek bevat niet veel tekst, de foto’s (van Gijs Dragt) spreken voor zich. Materialen veranderen van hout naar bakeliet naar kunststof. Vormen zijn dan weer organisch, dan weer strak en geometrisch. Kleuren passen zich aan aan de beoogde gebruiker. De boodschap is duidelijk: technische vooruitgang is aardig, maar als er geen mooi jasje omheen zit, zal niemand het kopen. Voor de Apple-dweepers: nee, dat is geen uitvinding van Steve Jobs.

A. Weltens en G. Dragt. Een eeuw vintage Beeld & Geluid. D33 publicaties, Dalfsen, 2011.  Prijs: 19,95, inclusief verzendkosten. Bestellen doe je hier.

Oproep: UvALab onderzoekt de Aesthedes

Het onderzoekslab van Bijzondere Collecties (UvA) is een bijzonder project gestart rondom ontwerpcomputer Aesthedes. Maar weinig bedrijven konden de aanschaf ervan bekostigen. Het gerucht dat Total Design ooit bijna over de kop ging door de aanschaf van dit apparaat heeft bijgedragen aan de welhaast mythische status van de Aesthedes. Bij NOS grafisch ontwerp speelde financiën geen rol. De Aesthedes werd aangeschaft en verving grotendeels de werkzaamheden die voorheen op de zeefdrukkerij van de afdeling gedaan werden. Één van de nieuwe mogelijkheden was dat de machine prachtig en precies letters uit kon snijden. Heel geschikt om bijvoorbeeld autobelettering mee te maken. Maar of de tv-ontwerpers daar nou op zaten te wachten?

Bijzondere Collecties is op zoek naar verhalen, ervaringen en informatie van de mensen die destijds met de Aesthedes werkten of er op andere manier mee te maken kregen. Stuur ze een mail (aesthedes@uvaerfgoedlab.nl) of ga langs bij de tentoonstelling ‘The Printed Book’ bij Bijzondere Collecties (Oude Turfmarkt, Amsterdam). Daar staat van 14 april tot 13 mei een bewaard gebleven Aesthedes tentoongesteld. In het naastgelegen UvA ErfgoedLab wordt uitgebreid aandacht besteed aan deze mythische computer. Meer info bij Dutch Digital Design: De Aesthedes.

Martin Roodnat

Vandaag is het precies één jaar geleden dat het boek Vorm van vermaak uitkwam. Roy en ik spraken daarvoor tientallen mensen uit het vak. We hadden daar nog heel lang mee door kunnen gaan, maar erg moest ook een boek gemaakt worden… Dus zijn er een hoop mensen die we niet of nauwelijks in het boek noemen. Gelukkig hebben we de website nog! Vandaag een verslag van het gesprek dat ik voerde met Martin Roodnat. Een van de weinige motion-graphic designers zonder roots bij de NOS. Vanavond gaat bij SBS6 weer een van zijn ontwerpen in première, maar hoe begon het allemaal?

Welke opleiding heb je gevolgd?

Ik deed grafische vormgeving op de academie in Arnhem en in plaats van een stage volgde ik nog een half jaar illustratie op de Rietveld. We hadden een hele goede illustratie leraar in Arnhem, Friso Henstra maar er was niet echt een opleiding of afdeling, terwijl ik dat wel wilde, juist in combinatie met grafisch ontwerp. Op de Rietveld academie kreeg ik les van Thé Tjong King, Waldemar Post, Lydia Postma, hele goeie illustratoren. Na mijn afstuderen heb ik het een jaartje geprobeerd als illustrator. Dat lukte wel aardig, maar ik zag al snel dat je daar niet van kon leven.

Hoe kwam je voor het eerst in aanraking met bewegend beeld?

Op de academie, in de derde klas volgens mij, kon je vrijwillig animatiefilmpjes maken voor  Ja, natuurlijk (NCRC, 1976-2002) en Sesamstraat (NOS, 1976 – nu). Je kreeg de sleutel en dan mocht je ‘s nachts je filmpje maken in de kelder waar een 16mm camera hing. Ik vond laatst een aantal van die filmrolletjes terug, maar ik was dat eigenlijk een beetje vergeten. Ik wilde toen gewoon illustrator worden. Daarna heb ik een videoclip gemaakt met twee jongens van de academie. Ik speelde ook in een bandje, we noemden onszelf “Arnhems slechtse rock ’n roll band”.  Het was lol trappen, maar wel met goede muzikanten. Theo Outhuyse bijvoorbeeld. Hij ging bij de televisie werken en via hem kwam ik in contact met Willem van den Berg. Ik air-brushte veel en toen las ik iets over computeranimaties, en ik dacht dat lijkt exact op air-brush, zo mooi qua shading, daar moet ik alles over weten. Daarom wilde ik heel graag Willem van den Berg ontmoeten.

Continue reading

Doolhoven

Hoe staat het eigenlijk met David Grifhorst‘s programma The Exit List? Het programma idee ontstond omdat regisseur Grifhorst droomde van mooie shots in een doolhof en daardoor kwam hij op het idee voor een compleet spelprogramma. Hij maakte zelf een spetterende promo, het format werd verkocht en Nederland smulde bij het jongensboek-verhaal in De Wereld Draait Door.

The Exit List - ITV

Maar hoe vergaat het het programma in Engeland? Het decor werd inderdaad schitterend, maar is het spelprincipe goed genoeg om de televisie kijker te boeien? De eerste show op ITV1 trok ongeveer 2,5 miljoen kijkers, daarna zakte dat af naar gemiddeld 1,8 miljoen. In Nederland zou dat fantastisch zijn, maar in Engeland is dat weinig. En dat is onterecht volgens tv-blogger Alex Davis die stelt dat het programma niet het tijdslot kreeg wat het verdient. Het eerste seizoen is inmiddels afgelopen en het is nog niet duidelijk of er een tweede komt.

Naar aanleiding van het eerder bericht over The Exit List mailde een andere formatontwikkelaar, Mark van Berkel, een pilot-filmpje door van een ouder doolhofspel, The Moneymaze (ABC, 1974-1975). De The Encyclopedia of TV Game Shows (David Schwartz, Steve Ryan & Fred Wostbrock: 1995) geeft meer informatie over dit programma. Het werd gepresenteerd door Nick Clooney (de vader van George) en er strijden twee koppels tegen elkaar. Het koppel dat de meeste vragen goed weet te beantwoorden krijgt de kans om in een levensgroot doolhof prijzen te zoeken binnen een aantal seconden (1 seconde per vraag). Het decor werd ontworpen door Ron Baldwin, hij was ook verantwoordelijk voor de sets van vele andere shows zoals The Generation Gap (ABC, 1969), What’s my Line (ABC, 1968-1975), The Big Showdown (ABC, 1974-1975) en To Tell The Truth (CBS, 1980-1981). In The Moneymaze is het grootste deel van de studiovloer in beslag genomen door het doolhof. De kandidaten, presentator en de kijker zien het doolhof schuin van boven, terwijl de kandidaten in het doolhof natuurlijk alleen maar blinde muren zien.

Omdat je in The Moneymaze als kijker een goed overzicht van het doolhof hebt, is de spanning van het doolhof er een beetje af. Je ervaart als kijker niet de desoriëntatie van de verdwalende kandidaat. Dat was wel het geval in één van de spectaculaire spellen van Lotto Live (VARA, 1985). Het idee voor dit doolhofspel ontstond bij NOS-ontwerper Carlo Delbosq. Hij had eerder een videoclip gemaakt voor Fay Lovsky (Columbus Avenue, helaas niet online te zien). Daarvoor filmde hij miniatuur modellen bij de Technische Hogeschool Delft met een endoscoop, een heel klein en dus uitermate wendbaar cameraatje. Die opnames werden later achter Lovsky geprojecteerd. Het idee van de kleine camera die door een maquette beweegt, vormde de basis voor het doolhofspel in Lotto Live. Martien van den Dijssel, maquetteontwerper bij de NOS bouwde een miniatuurdorpje na en die werd naar Delft gebracht. Via een telefoonverbinding geven de quiz-kandidaten instructies aan de endoscoop die bediend wordt door een technicus van de TH en via een straalverbinding is het resultaat te zien in de studio. Van den Dijssel was ook aanwezig in Delft en herinnert zich dat ze de kandidaten wel eens een klein beetje moesten helpen omdat het spel zo lastig was.

Natuurlijk zijn er meer voorbeelden van tv-spelletjes met een doolhof. En het kan nog ‘echter’ en spannender. The Encyclopedia of TV Game Shows vermeldt nog kinderprogramma Masters of The Maze (ABC, 1994-1996). Dit programma is eigenlijk een soort live-videogame. De kandidaten kregen in het doolhof via hun overall aanwijzingen door van hun partner met een soort joystick. Dit maal volgt de kijker de speler op de voet. Dankzij voortschrijdende techniek zien we via een draadloos cameraatje in de helm precies wat de speler in het doolhof ook ziet. Met de helmet-cam, laserzwaarden, vliegende 3D-graphics en wilde camera bewegingen is dit weer een compleet ander programma. Zo zie je maar: met een doolhof kan je alle kanten op!

CLIPS

Er zijn op het blog al een aantal leuke leaders langsgekomen uit de jaren tachtig waarin de draak wordt gestoken met de 3D animatie techniek die dan populair is. Zo knutselden Van Kooten en De Bie voor hun programmaleader 3D letters van piepschuim. Bob Takes deed iets soortgelijks met uitgeknipte letters voor VPRO’s BGTV in 1982. Ook Theo Dijkslag, verantwoordelijk voor de eerste ‘echte’ 3D stationcall op de Nederlandse televisie (die voor de TELEAC in 1985) deed het. In 1986 maakte hij deze leuke leader voor Club Veronica Clips, een slapstick uitvoering van de 3D flying logo trend.