Het begin: Henk Tilder

Begin bij het begin. Hoe komen de decorontwerpers bij de NTS? Dit verhaal gaat over de eerste jaren van Henk Tilder bij de NTS.

“Na een opleiding technisch tekenen en militaire dienst las ik een artikel uit De spiegel over televisiedecors. Dat leek me wel wat. Ik kwam terecht bij Decorbouw in de Kampstraat in 1962. Bij mijn sollicitatie kreeg ik te horen: ‘begin maar ergens en dan kom je er wel achter wat je wilt’. Zo werkte ik in verschillende ateliers.

DSCF3881

Decorbouw staat begin jaren 60 in de belangstelling. Lees de artikelen in de tijdlijn ’50 jaar tv-decor.

Op een dag komt een gedistingeerde man binnen met een map onder zijn arm. Hij legt zijn tekeningen op tafel en zegt: “Zo heren, dit gaan wij maken.” Die man was Fokke Duetz en wat hij deed, dàt was wat ik in De spiegel had gelezen, dàt wilde ik worden! Ongeveer gelijktijdig met Tijmen de Bree en Martien van den Dijssel, die later naar de maquetteafdeling gingen, heb ik toen de avondopleiding aan Artibus gevolgt. Het maken van werktekeningen had ik door een opleiding tot technisch tekenaar al onder de knie. Een paar jaar later werd ik ontwerpassistent en daarna decorontwerper.”

Fokke Duetz - Pommetje Horlepiep (NCRV, 1976). Prive-collectie Henk Tilder

Fokke Duetz – Pommetje Horlepiep (NCRV, 1976). Prive-collectie Henk Tilder

Helaas is het hele archief met tekeningen van Tilder verloren gegaan. In het kleine stapeltje bij hem thuis zat wel een aquarel van die gedistingeerde heer die zo’n indruk op hem maakte destijds. Het gaat om een ontwerpschets uit 1967 van de kamer van ‘moeder Maaike’ (Martje Kraats misschien?) uit de serie Pommetje Horlepiep (NCRV, regie Frits Butzelaar), een van de laatste programma’s waar Duetz als decorontwerper aan werkte. In het stapeltje zat ook een mooi werk van Wim Bijmoer (hier te zien), vrij werk van Frank Rosen en toch nog wat decorontwerpen van Tilder zelf. Hieronder zie je bijvoorbeeld zijn ballpoint-tekeningen voor de televisiebewerking van Ibsen’s De wilde eend (NCRV, 17-3-1981, regie Gerard Rekers).

Herinneringen aan: Cor Hermeler

Nick de Weerd stuurde de volgende anekdote over Cor Hermeler. De pastels en aquarellen komen uit de privé-collectie van Henk Eitink (cameraman) en zijn uit 1978 en 1981. 

Cor Hermeler zou exposeren in het Militair Luchtvaartmuseum in Soesterberg met een serie schilderijen in acrylverf van luchtgevechten en militaire vliegtuigen uit de Tweede Wereldoorlog. Het was de dag van de opening en alles was al ingericht en klaar voor de officiële opening om 14.30 die middag. Cor is die ochtend op kantoor bij de NOS en gaat om twaalf uur even naar huis om te eten, hij woonde vlakbij.

Om één uur is hij weer terug en zegt: “Kijk, hoe vind je dit?” Ik kijk er naar en ben verbijsterd! Daar had hij een schilderijtje, gemaakt in pastelkrijt van een wolkenlucht met daar doorheen allemaal condens-lijnen van vliegtuigen. Er is geen herkenbaar vliegtuig waar te nemen, een schitterend werkje met een waanzinnige diepte van blauwe lucht, condens-strepen en wolken. Ik vraag: “Waar komt dat nou ineens vandaan?” “Oh”, zegt Cor, “ik had nog wat inspiratie.” Dit was het schilderijtje waar iedereen zich aan stond te vergapen bij de opening en het werk dat door het museum meteen aan het eind van de middag gekocht werd. Hij had het in een kwartiertje tijdens zijn luchpauze op papier gezet. 

This slideshow requires JavaScript.

Swiebertje

Bij Rinus Does thuis hangen een aantal decorschetsen voor Swiebertje. Twee prenten vertonen craquelé, maar de andere twee zijn in perfecte staat. De ontwerpen zijn niet gesigneerd, maar vermoedelijk zijn ze van Juliënn van der Erve. Via deze link kan je onderstaande schetsen vergelijken met de setfoto’s van het uitgevoerde decor: Gallery: Swiebertje.

Rinus Does begon in het decorcentrum aan de Kampstraat als werkvoorbereider, wat later Decor Productie Leider (DPL) zou gaan heten. In die hoedanigheid werkte hij onder meer mee aan Swiebertje. De taak van Rinus Does was het hele decor-productieproces in goed banen te leiden: de tekeningen verspreiden, ramingen maken, materialen bestellen, nacalculatie, aansturen van de uitvoerder en de verschillende vakgroepen, en later ook het opstellen van en onderhandelen over budgetten en contracten met vrije producenten zoals John de Mol. Does bewaarde bijvoorbeeld ook de productieschema’s en contracten voor De 100.000 gulden show en Ron’s Honeymoon quiz die beide in Aalsmeer opgenomen zijn in decors van Roland de Groot.

Sterrenshow, ontwerp Hub Berkers

Does heeft ook een stapeltje detailtekeningen en planningen voor shows uit de jaren tachtig, zoals de Sterrenshow (Hub Berkers), de Showbizzquiz (Richard Heidentrijk), Op naar de top show (Auk de Vries), de Lotto show (Guus van den Heuvel), Klassewerk (Johan Verhoog), Karel (Mia Schlosser), Strand cross (Arnold Kroon), In de hoofdrol (Peter Gabriëlse) en Kwistig met muziek (Jan P. Koenraads).

Naast programmamateriaal kon Rinus Does me ook interessante bedrijfsmatige documenten laten zien, onder andere het mede door hem ontwikkelde PRISMA project-informatiesysteem (1984), een functiebeschrijving van de nieuwe functie ‘estimator’ (1988), een overeenkomst tussen het NOB en de vakbonden over de grote ontslagronde van 1991 en een aantal marketingbrochures van het NOB. Deze en andere documenten over het decorproductieproces en de NOS/het NOB zijn een goede aanvulling op de bronnen over de geschiedenis van de Afdeling Decorontwerp en zal ik daarom binnenkort toevoegen aan de tijdlijn ’50 jaar tv-decor’.

Herinneringen aan: Jaap Binnerts

Herinneringen van Dorus van der Linden aan Jaap Binnerts:

“Jaap Binnerts was bij zijn aantreden als decorontwerper bij de NTS eigenlijk de enige gediplomeerde decorontwerper. Hij had na zijn opleiding aan de toneelschool in Arnhem een opleiding scenografie in Dusseldorf gevolgd. Jaap was geen groot technisch teken- of schildertalent, zijn tekeningen zagen er soms een beetje onbeholpen uit maar zijn decors waren dat zeker niet!

Ik heb het genoegen gehad een flinke periode met hem samen de decorontwerpen voor De kleine waarheid met Willy van Hemert te mogen maken. Wij hadden zeker de indruk dat Willy liever met een van de ‘oude rotten’ (bijvoorbeeld Fokke Duetz) aan deze serie was begonnen in plaats van twee onervaren ontwerpertjes. Maar Fokke Duetz werkte op dat moment aan Klop op de deur (KRO, Peter Holland, 1970).

We werkten samen, dat betekende niet dat we samen aan één ontwerp stonden te tekenen. We hadden onderling een verdeling gemaakt op basis van de beschikbare studiofaciliteiten, wat inhield dat we soms in één studio decors hadden staan van ons beiden.

De samenwerking met Jaap in deze periode is echt altijd heel goed geweest. Hij was de aanjager om te protesteren als er problemen waren met budgetten of andere productionele perikelen. Ikzelf was meer de wat diplomatieke onderhandelaar naar Willy van Hemert en soms naar Caroline Kaart, die mee de decors kwam keuren in de studio. Jaap en ik hadden een totaal verschillende manier van werken maar er was wel een grote waardering voor elkaars werk.

Het 'Vondelpark' van Binnerts siert de cover van het boek van Willy van Hemert over zijn televisiebelevenissen.

Het ‘Vondelpark’ van Binnerts siert de cover van het boek van Willy van Hemert over zijn televisiebelevenissen.

Ik herinner me nog goed een ontwerp van Jaap voor een scene in het ‘Vondelpark’. Hij had uitgepakt met een vijver met eendjes, een wallekant met (echte) graszoden en verhoogde wandelpaden met grint. Op het plaatje was het een ‘plaatje’! Maar toen Willeke Alberti met een antieke kinderwagen het park binnen kwam rijden leek het of er een tank binnenreed. Het park was gebouwd op praktikabels die voor het geluid werkte als een klankkast en daarmee was elke echtheidswaarde van het schitterende plaatje doorgeprikt.

Jaap heeft veel, voornamelijk dramaproducties, van decors voorzien en volgens mij heeft zijn acteursopleiding ook veel bijgedragen aan zijn decorontwerpen. Hij kon drama daardoor beter ‘invoelen’ dan wij. Wat hij ook erg goed kon invoelen was muziek! Op feesten kon je Jaap vaak bezig zien als ‘muzikant zonder instrument’ en dat deed hij geniaal. Mij verbeterde hij altijd in mijn uitspraak: “Dorus, het is ‘nieuw’ en niet ‘nuuw'”, zei hij dan. Ja, hij had spraaklessen gehad! Ik denk aan Jaap altijd met bewondering en weemoed terug”

Collectie Biesiot: bijna klaar

Reeds! Alle ontwerpen, foto’s, maquettes en documenten uit het archief van Freek Biesot hebben een nummer, beschrijving en zijn gekoppeld aan de juiste programmatitel en uitzenddata. De kar met zuurvrije archiefdozen is overgebracht van de decorhal van Hollandse Handen naar het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid.

wikiEen hele heisa, maar we zijn er nog niet helemaal. Zoals aangekondigd hebben Freek en ik de mooiste en meest bijzondere stukken uit zijn collectie van veertig jaar decorontwerpen gefotografeerd. Stukje bij beetje komt dat materiaal online te staan in de Beeldengeluiwiki.nl en op de persoonlijke website van Freek. De laatste is nog in aanbouw, maar in de wiki zijn al een aantal ontwerpschetsen en maquettes uit de schenking te zien. In de rechter kolom van zijn Oeuvrelijst is te zien welke programma’s al een zogeheten Gallery met beeldmateriaal hebben. De ontwerpen en maquettes voor Barend is weer bezig, Waar heb dat nou voor nodig en Van Oekel’s Discohoek staan bijvoorbeeld al online. Verdomd interessant!

Tentoonstelling Herman van Elteren

Nog tot en met 2 februari te zien in De Speeltoren in Monnickendam: een overzichtstentoonstelling van Herman van Elteren. Met maquettes, kostuumontwerpen, beeldhouwwerken, bewegend beeld en meer uit de collectie van het Theater Instituut Nederland. Van Elteren (1928) is bekend als acteur en ontwerper in het theater, maar hij werkte ook korte tijd bij de Afdeling Decorontwerp van de NOS/NOB begin jaren negentig. De tentoonstelling is op zaterdag en zondag open van 11.00 tot 17.00.

Feestdagen

Misschien hadden jullie het al gemerkt dat het rustig was in het onderzoekslab en op het blog? Ik had mezelf namelijk vakantie gegeven. Ondertussen stroomde de inbox vol met allerlei leuke mails, foto’s en verhalen. Zo is het op de eerste werkdag van 2014 ook nog een beetje feest.

Nick de Weerd mailde onder andere deze mooie ‘krabbel’ gemaakt door Cor Hermeler tijdens een de afdelingsvergadering van 12 mei 1981. Via Freek Biesiot waren al een aantal portretten naar boven gekomen (hier te zien) en misschien volgen er nog wel meer. We zijn naarstig op zoek naar informatie over het (televisie)archief van Cor Hermeler, dus als jullie iets weten of horen, mail het dan naar mij of Nick de Weerd.

Portretten door Cor Hermeler. Vlnr: Corrine Franken, Tim Shortall, Anne Sevinga, Dorus van der Linden, Tijmen de Bree, Freek Biesiot, Richard Heidentrijk, Cor Straatmeyer, Martien van den Dijssel, Gerard Buurman, Tijmen de Bree, Frans van der Aa, Elsje de Waard

Portretten door Cor Hermeler. Vlnr: Corrine Franken, Tim Shortall, Anne Sevinga, Dorus van der Linden, Tijmen de Bree, Freek Biesiot, Richard Heidentrijk, Cor Straatmeyer, Martien van den Dijssel, Gerard Buurman, Tijmen de Bree, Frans van der Aa, Elsje de Waard

Freek Biesiot: filmproducties

Een van de doelen van het onderzoeksproject is het in kaart brengen van ontwerperfgoed van decorontwerpers. Wat is er nog bewaard gebleven en waar is het te zien? Dat erfgoed vormt immers de basis voor het onderzoek. Het is natuurlijk nog beter wanneer de opgespoorde prive-collecties ondergebracht kunnen worden bij instellingen die een duurzame conservering en ontsluiting van het materiaal kunnen waarborgen.

Zoals jullie weten heeft Freek zijn archief aangeboden aan het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid. Deze zomer zijn Freek en ik begonnen met het beschrijven, digitaliseren en onderzoeken van het archief. Dat is veel werk geweest, maar het einde is in zicht. Op de valreep van 2013 konden we alvast het artwork en andere stukken met betrekking tot filmproducties overdragen aan Eye Filminstituut. Freeks materiaal gaat deel uitmaken van de zogeheten Filmgerelateerde Collecties. Hieronder vallen bijvoorbeeld archieven van regisseurs Bert Haanstra, Fons Rademakers, Pim de la Parra, Wim Verstappen, Frans Weisz en Rudolf van den Berg, maar ook archieven van scenaristen, producenten en filminstellingen als de Nederlandse Bioscoop Bond. De persoonsarchieven bestaan onder andere uit brieven, notulen, scenarioversies, productierapporten en begrotingen. Een aantal inventarissen zijn online te raadplegen op http://filmdingen.wordpress.com/.

Soeluh van den Berg en Piet Dirkx van EYE bekijken de schenking van Freek Biesiot.

Soeluh van den Berg en Piet Dirkx van EYE bekijken de schenking van Freek Biesiot.

De schenking van Freek aan EYE bevat ontwerpschetsen, detailtekeningen en lokatiefoto’s voor De avonden (Rudolf van den Berg, 1989); schetsen en detailtekeningen voor Vroeger is dood (Ine Schenkkan, 1987); schetsen, detailtekeningen, script en knipsels van Nitwits (Nicolai van der Heyde, 1987); setfoto’s en omschrijvingen/schetsen van alle filmlokaties voor De kleine blonde dood (Jean van de Velde, 1993). Daarnaast zijn de ontwerpen voor de renovatie van Studio Duivendrecht in 1993 en een afficheontwerp voor Het debuut (Nouchka van Brakel, 1977) naar EYE gegaan.

This slideshow requires JavaScript.

Het op deze manier opsplitsen van een prive-archief is misschien niet gebruikelijk. We zouden er ook voor kunnen kiezen het oeuvre bij elkaar te houden, zodat de collectie een compleet beeld geeft van het werk van de schenker. Maar als je kijkt naar toekomstig gebruik van het erfgoed is opspliting wel een goed idee. Beeld en Geluid zal bijvoorbeeld niet zo snel een tentoonstelling over Nederlandse film organiseren waar de ontwerpschetsen van De avonden een plek zouden kunnen krijgen. En een onderzoeker die iets wil weten van het vak artdirection of productiondesign voor film, zal toch eerst bij EYE gaan zoeken. Zodoende hebben we de collectie van Freek opgesplitst in film-, televisie- en theaterproducties. Voor erfgoed op het gebied van theater liggen de zaken helaas wat ingewikkeld door de opheffing van het Theater Instituut Nederland. Het televisie-erfgoed van Freek gaat eind januari definitief naar de depots van Beeld en Geluid en het film gerelateerde materiaal is nu alvast veilig ondergebracht bij EYE.

Herinneringen aan: Wim Bijmoer

In de rubriek ‘Herinneringen aan’ verhalen over decorontwerpers en ontwerpassistenten die er niet meer zijn. Deze keer: Wim (Willem) Bijmoer (1914-2000)

Freek Biesiot: “Willem Bijmoer was een theaterman en dat merkte je als hij in de buurt was. Grote gebaren, enorme stembuigingen, prachtige verhalen compleet met stemimitaties. Ko van Dijk kon hij goed nadoen, dan liet hij zijn stem bulderen. Hij was een bezeten tekenaar die tot tien enorme vellen op een dag volschilderde. Zijn talent had een keerzijde. Er waren maar enkele regisseurs die zijn enorme presence in de door hen gewenste richting konden sturen. Bovendien zijn zwierige schetsen niet altijd te vertalen in realiseerbare constructies van hout en schotten. De technisch tekenaars vervielen soms in wanhoop. Auk de Vries werkte vaak als zijn assistent, dat was een goede combinatie.”

Decorschets van Wim Bijmoer voor Café Chantant in het programma Hollandse glorie van Walter van der Kamp (AVRO, 1976). Decorontwerp voor deze productie deed Bijmoer samen met Theun van de Woestijne.

Decorschets van Wim Bijmoer voor Café Chantant in het programma Hollandse glorie van Walter van der Kamp (AVRO, 1976). Decorontwerp voor deze productie deed Bijmoer samen met Theun van de Woestijne. Collectie: Cor Straatmeijer.

“Hier openbaarde zich het verschil tussen theater en NOS. Bij theater kan je als ontwerper meestal met een klein vast decorbedrijf werken, met directe verbindingslijnen en intensief contact. In vergelijking was de NOS een enorm en vaak bureaucratisch, onpersoonlijk bedrijf waar alles via papier geregeld moest worden. Om te voorkomen dat de tekeningen mooier waren dan het resultaat was Bijmoer vaak te vinden bij de jongens van de bouw.”

Leo Ooijkaas stuurde een herinnering op die daar mooi bij aansluit:”Wanneer Wim -Willem noemden wij hem- Bijmoer bij de voorbouw van een door hem ontworpen decor even kwam kijken hoe het ging, presenteerde hij alle bouwers die met het decor bezig waren een sigaret uit een net nieuw geopend pakje. Roken was toen nog heel gewoon en bijna iedereen rookte. Nadat het decor bekeken en besproken was liet hij altijd het geopende pakje op de werkbank achter als extraatje voor de jongens. Zonder er iets over te zeggen, alsof hij het gewoon vergeten was. Ik vond dit altijd typisch iets voor een oude sociaaldemocraat, maar het was ook een beetje vooroorlogs.”

Freek Biesiot: “Willem was tegen elke vorm van machts-baasjes gedrag en enorm loyaal aan de afdeling. Hij kon geweldig kankeren op de bureaucratische wantoestanden. Op vergaderingen zat hij grommend van ergernis zich te verbijten om dan plotseling met een sprankelende anekdote de hele spanning te laten wegvloeien.”

“Willem wist veel van kunstgeschiedenis. Op latere leeftijd ging hij geillustreerde boekjes maken van zijn reizen. Daarin tekende en schreef hij dan over de lokale architectuur, decoratieve patronen, kunstgeschiedenis van de streek. Zo onderwees hij de jonge ontwerpers een beetje.” Hieronder zie je een aantal pagina’s uit zo’n boekje van een reis naar Griekenland (uit de collectie van Beeld en Geluid).

This slideshow requires JavaScript.

Ook een herinnering of verhaal delen? Stuur een berichtje aan info@vormvanvermaak.nl of aan Freek Biesiot.

Pien Duetz over Fokke Duetz

Fokke Duetz ca 1960

Fokke Duetz ca 1960

Fokke Duetz (1910-1989) is van maart 1955 tot zijn pensioen in 1975 decorontwerper geweest bij de NTS/NOS. Hij was de tweede televisiedecorontwerper in Nederland en kwam, net als Peter Zwart en Jan P. Koenraads, uit de filmwereld. Ik sprak met zijn dochter Pien Duetz:

“Mijn ouders zijn beide geboren in Indonesië en op hun twaalfde naar Nederland gestuurd voor school. Maar toen kenden ze elkaar natuurlijk nog niet. Mijn vader werd goed verzorgd, in zijn vroege jeugd door zijn baboe en later in Den Haag door zijn tante en nichtjes. Gooide zijn kleren overal neer en bekommerde zich nergens om. Dat was snel voorbij toen hij met mijn moeder trouwde.

Mijn moeder zat op een dag in de tram, zag hem lopen en dacht ‘dit wordt hem’. Later kwam ze hem tegen op een feest van een vriendin die net als hij op het conservatorium zat. Sindsdien was het aan. Zijn toekomstige schoonouders vonden het helemaal geen goed idee. Na zijn studie aan het conservatorium ging hij nog naar de kunstacademie. Daar was natuurlijk geen droog brood mee te verdienen. Later vertelde hij ons een mooi verhaal over zijn studententijd. Aan het eind van een feest of wilde avond zetten zijn studiegenoten de punt van zijn paraplu in de tramrails, anders kon hij niet meer thuis komen. Dat verhaal hebben mijn broers, zus en ik nog vaak aangehaald toen we zelf die leeftijd bereikten.

Mijn vader werkte bij Cinetone en de Toonder Studio lag daarnaast. Over en weer was er veel contact, hij heeft daar ook gewerkt en kende Marten Toonder. Waarschijnlijk is hij zo in contact gekomen met Peter Zwart die daar ook nog regelmatig werkte begin jaren vijftig. Mijn oudste broer Fokke heeft gefigureerd in de Amerikaanse televisieserie die bij Cinetone gefilmd werd, net als mijn vader trouwens, die is op foto’s te zien als gevangene. Hij werd later cameraman, net als mijn jongste broer Evert, die werkte voor de Fabeltjeskrant. Mijn zus Carla kwam ook bij de televisie terecht, zij werd scriptgirl bij de NCRV, productieleider zouden we nu zeggen. Ze zijn alle drie al overleden.

Extra informatie bij deze fotogallery: In 1954 filmt Cinetone 24 afleveringen van een half uur van de spionageserie Secret File USA. Deze serie is bestemd voor de Amerikaanse televisie. Fokke Duetz is samen met verzetsheld en architect Jaap Penraat verantwoordelijk voor de artdirection van de serie die in 24 weken opgenomen moest worden. Er zijn ook twee foto’s van Duetz met regisseur Gerard Rutten en editor Lien d’ Oliveyra. Daarmee werkte hij aan de succesvolle film Sterren stralen overal (1953). De foto’s hierboven komen (muv de knipsels) uit het prive-archief van Pien Duetz, fotograaf is niet bekend.

Pien Duetz: “Ik ben in 1949 geboren als vierde kind in het gezin. We woonden tot mijn negende in Amsterdam en zijn toen verhuisd naar Bussum. Tot mijn zevende heb ik mijn vader amper gezien. Ja, in het weekend, maar dan zat hij altijd te lezen. Ik weet dus niet zo heel veel van zijn werk toen, dat vind je als klein kind ook helemaal niet zo interessant. We hadden wel in de gaten dat hij bekend was, zeker in Bussum. Mijn broer Evert werd altijd gevraagd of zijn vader dé Fokke Duetz bij de televisie was. Ze wilde allemaal de studio bezoeken. Mijn broer was het op een moment zat en heeft toen gezegd: “nee, mijn vader is TumTum-koning”. Ook niet handig want toen wilden ze allemaal snoepjes van hem.

In Bussum kan ik me de Ambachtschool nog wel herinneren. Het was een raar vierkant gebouwtje met een gangetje naar studio Irene. Ze zaten op de tweede of derde verdieping en het was er echt een zooitje. Ik zat daar af en toe te tekenen bij Hans Moolenaar. Die kenden wij uit Amsterdam, het was de zoon van onze kruidenier. Via Fokke is hij op de grafische afdeling gekomen. Toen Hans pas getrouwd was met Rina hebben ze nog op ons opgepast. Hans bewaarde al mijn krabbels alsof ze heel speciaal waren, maar ik kon helemaal niet tekenen. Een lieve man was dat. Een paar van de andere ontwerpers kan ik me nog wel herinneren, Cor Hermeler, Massimo Götz en Roland de Groot. Gerardo Porto zei altijd, als een decor te groot of te klein bleek te zijn, gewoon: “stukje erbij, stukje eraf, geen probleem!” Dat vond ik zo’n grappige man.

Fokke Duetz en Cor Hermeler aan het werk in de Ambachtsschool in Bussum

Fokke Duetz en Cor Hermeler aan het werk in de Ambachtsschool in Bussum. Collectie Pien Duetz

Mijn vader en Peter Zwart waren echt tegenpolen, maar konden wel heel goed met elkaar overweg. Ook de families, we kwamen bij elkaar over de vloer. Zowel Zwart als mijn vader deden trouwens precies wat ze wilden en kregen alles voor elkaar. Mijn vader deed dat op een hele gerafineerde manier. Hij was rustig en geduldig, wilde iedereen te vriend houden. Peter Zwart was ongeduldig en kon goed driftig worden. Hij had regelmatig maagbloedingen en mijn vader nam het als tweede man dan over. Hij is ook even officeel chef geweest maar hij was geen leiderschapsfiguur. Mijn vader vond de begin periode bij de televisie heerlijk, het was heel ambachtelijk, hij en Peter Zwart bouwden en schilderde zelf ook mee. Daarna, in Hilversum, werd het allemaal zo groot. Dan moest hij een formulier invullen als hij een nieuw potlood nodig had. Dat vond hij verschrikkelijk.

Bij zijn pensionering heeft de afdeling, waarvan veel mensen ook uit Indië kwamen, een uitgebreide rijsttafel bereid. Daarna heeft hij nog even als freelancer gewerkt, maar die inkomsten gingen regelrecht naar de belasting, dus dat zag hij op een gegeven moment niet meer zitten. Hij heeft op zolder ruimte gemaakt voor een atelier en is voor het eerst sinds zijn studententijd weer vrij werk gaan maken. In enorme hoeveelheden: schetsen, portretten en veel spirituele werken. Zo heeft hij voor alle kinderen een mandala gemaakt. Hij had onze namen achterop gezet en zonder dat te weten kozen we allemaal ons eigen schilderij uit. Mijn moeder was erg bezig met astrologie. Ze hebben nooit echt bij clubjes of stromingen gehoord, ze lieten ons daarin ook helemaal vrij. Mijn vader paste ook niet beter bij de ene omroep dan bij de andere, maar dat gold meestal ook voor de regisseurs. Dat was ook apart volk.

Fokke Duetz ca 1985. ANP

Fokke Duetz ca 1985. ANP

Op de oude foto’s heeft mijn vader echt zo’n blote-billen gezicht. Ik ben op mijn negentiende een tijd gaan reizen, naar Canada en de Verenigde Staten en in die tijd heeft hij zijn snor en bakkebaarden laten staan. Mijn moeder schreef me daarover, ze vond dat hij het in ieder geval niet weg mocht scheren voordat ik terug was. We vonden dat het gewoon heel goed bij hem paste. Net als het chokertje dat hij ging dragen, dat heeft hij tot zijn dood volgehouden. Zijn droge gevoel voor humor behield hij ook tot op zijn sterfbed. Hij vroeg om een sigaret, hij had al een week niet gerookt, terwijl het altijd een zware roker is geweest. Mijn broer ging een sjekkie draaien, maar mijn vader zei: “doe maar een filtersigaret van Pien, ik moet toch aan mijn gezondheid denken.” Hij nam er nog een glas wiskey bij. De volgende dag is hij overleden.”

Tijdens het bezoek liet Pien Duetz een aantal foto’s zien, zoals de bovenstaande foto’s uit de Cinetone-periode (1945-1953). Onderstaande foto’s van een maquette en van Duetz aan het beeldhouwen zaten ook tussen deze stapel en zijn dus hoogstwaarschijnlijk ook uit deze periode. Heb je meer informatie over deze maquette, het beeld, of de Cinetone-foto’s? Laat een reactie achter onder dit bericht.

Meer lezen over Fokke Duetz:

Wil je je herinneringen aan Fokke Duetz met me delen of heb je aanvullingen, stuur me dan een mailtje of bel even.