Decors van Dorus: Beppie

Dorus van der Linden haalt herinneringen op aan bijzondere programma’s en mooie decors. Ditmaal over de serie Beppie van de AVRO. Van deze comedie met magisch realistische touch zijn 12 afleveringen gemaakt en uitgezonden in 1989. Na een autoongeluk wordt Beppie (Sylvia de Leur) toegelaten tot de hemel, maar haar man Jacques (Johnny Kraaykamp sr.) moet eerst nog een goede daad verrichten. Hij wordt teruggestuurd naar hun oude huis, waar nu het gezin Leeflang woont. Beppie volgt de verrichtingen van haar man en geeft vanuit de hemel commentaar.

This slideshow requires JavaScript.

Dorus van der Linden: “Annie M.G. Schmidt had samen met haar zoon, Flip van Duijn en Haye van der Heyden een komische serie geschreven en er was een topcast met Adele Bloemendaal, John Kraaykamp Sr., Rijk de Gooyer, Sylvia de Leur en Nada van Nie. Producent BELBO ging de serie opnemen in een geïmproviseerde studio in Baarn. Via filmproducent Frans Rasker, die mede-producer was, werd ik voor deze serie gevraagd.”

“Omdat ik voor dit decor een andere weg wilde inslaan dan wat gebruikelijk is voor zo’n komische serie besloot ik kontact te zoeken met “Dutch Design” in Utrecht, waarmee ik in het verleden al eens prettig had samengewerkt. Ik kon als meubilering van mijn decor vrijelijk uit hun showrooms kiezen. Met het “Bloemenbureau Holland” had ik eenzelfde afspraak voor bloemen en planten en “Sie Matic” leverde de keuken van mijn keuze.”

This slideshow requires JavaScript.

“Zo werd het decor een staaltje van samenwerking met verschillende bedrijven, of beter gezegd; sponsering avant la lettre. Omdat ik de uitzichten uit de ramen van het huis ook niet naturalistisch wilde had ik in de vensters ‘n soort kathedraalglas laten zetten waarop de belichter zich kon uitleven.”

“Voor de leader heeft Martien van den Dijssel een maquette van het huis gemaakt, die stond op een landkaart en Kraaykamp sr. valt daar vanuit de hemel op af. De leader met de maquette van het huis heb ik samen met een cameraman en special effects opgenomen om dat de regisseur toen al in de montage zat! Ook de belettering is door mij bedacht. Dat was leuk, dan kon ik mijn oude vak weer eens toepassen.”

This slideshow requires JavaScript.

“De dag voor de opname in Studio Baarn was een kennismakingsborrel georganiseerd, met alle acteurs en medewerkers. Frans Rasker vroeg of ik Annie bij de arm wilde nemen en met haar als eerste door het decor wilde wandelen. Bloemenbureau Holland had voor deze gelegenheid flink uitgepakt en er stonden overal enorme bloemstukken. Waarop Annie mij vroeg: “Dorus, ik had er toch geen bruiloft ingeschreven?” Jammer genoeg was de serie bij het grote publiek niet zo’n groot sukses!”

Herinneringen aan … Herman Coenen (1928-2005)

Deze herinnering aan Herman Coenen is opgetekend door Freek Biesiot:

Portret van Coenen in het Limburgs Dagblad van 14-12-1973 bij het artikel 'Limburgers in Hilversum'

Portret van Coenen in het Limburgs Dagblad van 14-12-1973 bij het artikel ‘Limburgers in Hilversum’

“Een ontwerper die nog helemaal niet in beeld is geweest is Herman Coenen. Toch heeft ook hij zijn stempel gedrukt op de kwaliteit en de sfeer op de afdeling.

Herman kwam op latere leeftijd, nou ja ergens in de 40 op de afdeling. Hij kwam uit het zuiden, wel Nederlander, maar eigenlijk met hart en ziel een Antwerpenaar en deed er dan ook niet zijn best voor om zijn zuidelijke accent te verbergen. Zeker als hij een paar glazen bier op had, grensde dat aan het onverstaanbare, hoewel hij tegelijkertijd overduidelijk bleef articuleren bijna op het Duitse af. Niet de gemoedelijke tongval die wij van onze zuiderburen gewoon zijn. Soms liep dat zo uit de hand dat hij zijn rechtervuist opstak waarmee hij een angstaanjagend ogende zegelring met akelige stekels erop toonde en riep “Met één klap heb ik ze allemaal te pakken”.

Herman was veelzijdig en buitengewoon goed geïnformeerd, hij had een ongelooflijke kennis van stijlen en theatergeschiedenis en een maatschappijvisie die behoorlijk schuurde met de gangbare opinie. Maar hij had ook een volkomen andere benadering van het vak, eigenlijk paste dat niet helemaal in onze groep. Eerlijk gezegd kan ik me helemaal geen programma herinneren waar hij aan heeft meegewerkt, maar dat zal in het onderzoek hopelijk wel naar voren komen.

Het is moeilijk te reconstrueren hoe onze vriendschappelijke relatie nu eigenlijk tot stand kwam. In ieder geval kwam hij te wonen, samen met zijn vrouw en twee kinderen in de omroepflat in Breukelen, waar ik ook woonde. En ik geloof dat hij aan mij werd toegewezen om hem wegwijs te maken in de mores van het omroepbedrijf. Maar Herman was er de mens niet naar om op sleeptouw genomen te worden. Dus ging het eerder andersom.

Ik was bezig met een dramaproductie die gedeeltelijk in België moest worden opgenomen en dat gedeelte werd geproduceerd door de Belgische producer Erwin Provoost. Herman was mijn gids in Belgiëland en zo kwam het ook dat we behalve op goede filmlocaties, regelmatig in de Antwerpse kroegen verzeild raakten. Dat waren zware dagen/nachten want Herman en zijn Antwerpse vrienden waren goede innemers. Daar kon ik echt nog wat van leren en naar huis rijden was dan ook geen optie (Herman had om een of andere reden geen rijbewijs, wat achteraf gezien maar goed was ook).

Zodoende kwam ik regelmatig terecht in het huis van John Murat en zijn vrouw om te slapen worden gelegd; een andere wereld ging voor mij open, de echte Antwerpse scene. John zou later een van mijn beste vrienden worden, waarmee ik tot in de verste uithoeken van Italië, Calabrië, Terra Nova ben gaan zwerven.(daar zijn foto’s van want John was een professionele fotograaf) Met John heb ik later het programma Twee clowns en een kubus gemaakt, met als regisseur Jan Venema en bovendien heb ik hem een baantje bezorgd als docent drama bij de Nederlandse Film Academie, maar dit allemaal even terzijde.

Herman Coenen op een feestje, ergens eerste helft van de jaren 17. Foto uit archief van Freek Biesiot

Herman Coenen op een feestje, ergens eerste helft van de jaren 70. Foto uit archief van Freek Biesiot

Met Herman zijn ontwerpwerk heb ik verder niet veel te maken gehad, het was altijd goed, professioneel, maar op de een of andere manier niet spraakmakend. Hij paste niet zo goed in het regime en daardoor waren zijn ideeën vaak opwindender dan de realisatie ervan. In de ondergrondse kantine van studio 3 en 4 waren onze regelmatige drinkgelagen, stamgasten waren Herman, Jaap Binnerts en ik, meestal met een uitdijende en weer slinkende cirkel gasten rondom de steeds voller wordende aaneengeschoven tafels vol met lege en halfvolle bierglazen, die door deze en gene met uitpuilende dienbladen werden aangedragen. Eerst waren we dan altijd de leuke gasten die voor de sfeer zorgden, maar dat evolueerde vaak naar boze of geïrriteerde omstanders (acteurs, regisseurs, technisch personeel etc.) die gewoon rustig een glaasje kwamen drinken na een dag van hard werken.

Op een zo’n dag bleven Herman en ik samen over en werden eigenlijk de kantine uitgekeken. Ik zei: “weet je dat Fred Oster vandaag gaat trouwen?” “Nou”, zei Herman, “laten we hem dan gaan feliciteren!” En zo kwamen we aan bij de molen in Weesp waar Fred receptie hield, of zelfs ging wonen. Het was gezellig, en toen we daar beleefdheidshalve weer moesten vertrekken reed ik met Herman naar zijn woonadres. Hij was inmiddels gescheiden van zijn vrouw en woonde ergens op een kamer in Hilversum. Op weg daar naar toe kwamen we langs het café ‘Het Tolhuis’ en we vonden dat we daar nog een afzakkertje moesten gebruiken. Daarna werd het voor mij toch echt tijd om op te stappen want ik moest nog naar een verjaardag van de vrouw van een goede vriend van mij, boven Groningen …

Maar Herman wist van geen opgeven dus antwoordde hij: „Nou, dan ga ik toch met je mee”. Nou dat leek me ook wel gezellig, maar we realiseerden ons dat we nog helemaal niet gegeten hadden, en dan met zo’n tocht voor de boeg. Dus we bestelden vier porties kaas met mosterd en evenveel beugelflesjes bier om mee te nemen. Zo togen we op weg, alles ging goed tot we in de buurt van Deventer kwamen, het was inmiddels een uur of tien, waar we in een fuik van de politie reden voor een alcohol controle. Ik gooide snel mijn bierflesje achter in de laadbak van mijn bakkerseend, je weet wel, zo’n geribbeld koekblik op wielen, Herman had niks in de gaten. Het flesje lag daar leeg te klokken en hij proostte vrolijk door. De politieagent stak zijn hoofd voor het geopende raampje en zei: “Nou, dat ruikt hier lekker!” Ik antwoorde: “Ja, ik breng mijn vriend even thuis want die heeft teveel gedronken, maar ik rijd en hij drinkt.” “Ja, dat u rijdt dat zie ik, en waar komt u vandaan?”, vraagt de agent. “Hilversum” en “waar gaat de reis naar toe?” “Naar Ulrum!” Enige verwarring op het gezicht van deze agent, ongeloof want dit ging toch zijn begripsvermogen te boven. “Ehh, nou ja, rijdt u maar door”, dus weg was ik, zo hard als de 2CV maar wilde.

Rond middernacht arriveerden wij in Ulrum, je moet bedenken, we hadden toen nog geen TomTom, dus het was even zoeken in dat totaal verduisterde platteland, inderdaad daar word je wel nuchter van. Enfin, we waren op tijd om de jarige te feliciteren en het einde van de feestelijkheden mee te vieren. Herman had een kussen bemachtigd en zich onder de eettafel geïnstalleerd terwijl ik op de canape sliep. Herman werd om een uur of zes de volgende morgen, een maandag, wakker en zei: “Ik heb om 9 uur een ontwerpplanbespreking!” Hij nam de eerste bus naar Groningen en hoe dat verder is afgelopen heb ik niet meer meegemaakt, maar hij heeft mij verre overtroffen in plichtsbetrachting, dat is wel zeker.

Of dit verhaaltje iets bijdraagt aan de herinnering aan Herman Coenen weet ik niet, maar zo is het gebeurd. Veel later is Herman gaan samenwonen met Tineke van de telefooncentrale. Ik geloof dat ze gelukkig waren, maar Herman zijn hart gaf het uiteindelijk op. Toen ik hem jaren later nog eens sprak zei hij: “Ik ben nu helemaal van plastic van binnen”, maar het heeft niet mogen baten.”

Freek Biesiot

Zie ook de biografie en oeuvrelijst van Coenen in de Beeldengeluidwiki.nl. Aanvullende informatie over het leven en werk van Coenen zijn welkom, laat een reactie achter onder dit bericht, of mail naar info@vormvanvermaak.nl.

Roland de Groot: ESF1984

Roland de Groot - Eurovisie Song Festival 1984

Roland de Groot – Eurovisie Song Festival 1984

Toen het Eurovisie Songfestival in 1984 in Luxemburg gehouden werd, waren er nog geen LED-lampjes, computergestuurde lasershows, drukgevoeligge LED-vloeren, videowalls van tientallen meters oppervlakte en LCD-glaswanden die met een druk op de knop van mat naar helder kunnen veranderen. Desalniettemin wist decorontwerper Roland de Groot (met assistent Dirk Debou) een spektaculair decor te ontwerpen.

Tijdens de introductiefilmpjes van de deelnemende landen werkten 26 (Nederlandse) mannen in de kap van het Théâtre Municipal de la Ville de Luxembourg aan de changementen. Ieder heeft een eigen set touwen en een lijst met de standen. Voor de kijker thuis was het telkens een verassing hoe de hangende decordelen, herschikt en in nieuwe belichting te voorschijn kwamen bij de start van een nieuw liedje. Hoewel er in een paar liedjes een hangstuk in beweging komt of de belichting reageert op de muziek, zijn de grote changementen niet in beeld en dat is best jammer.

Gelukkig is er op aanvraag van Roland de Groot ook gefilmd tijdens de repetities. Er zijn opnames vanuit de kap, waar de trekken, vele touwen en de mankracht in beeld komen (zie het filmpje hierboven) en er zijn opnames gemaakt van de changementen zoals deze vanuit de zaal te zien waren (hieronder). Het zijn repetitie-beelden dus het witte plastic op de vloer hoort er natuurlijk niet te liggen. Gelukkig hebben alle deelnemers wel al de juiste kleding aan en kunnen we in deze opname ook de fantastsche coördinatie tussen licht, vorm en kostuums bewonderen.

Met dank aan Roland de Groot die deze opnames bewaarde en digitaliseerde!

Herken je iemand? Reageer!

Decors van Dorus: voorheen ‘De Kindervriend’

Dorus van der Linden haalt herinneringen op aan bijzondere programma’s en mooie decors. Ditmaal over J.J. de Bom voorheen ‘De kindervriend’ (VARA, 1979-1980).

Dorus van der Linden als kapper, kinderleed in J.J. De Bom

Dorus van der Linden veroorzaakt kinderleed voor de leader van J.J. De Bom

“Frans Boelen kwam, na De Stratemakeropzeeshow met een programma waarvan teksten en ideëen wederom werden geleverd door het VARA-schrijverscollectief (Willem Wilmink, Hans Dorrestijn, Jan Riem, Karel Eijkman en Ries Moonen) en wat gepresenteerd zou worden door Wieteke van Dort, Aart Staartjes en Joost Prinsen. Frans Lasès (grafisch ontwerper) en ik (decorontwerper) werden door Frans Boelen gevraagd na te denken over het onderwerp ‘kinderleed’ voor de leader van het programma. Ik dacht gelijk aan: pak voor de billen; lievelingsbeest dood; tandarts; in mijn broek gepoept; haar afgeknipt; brillenglas kapot; vader gaat op elektrische trein staan. Bij de fotodienst van de NOS werden de foto’s hiervoor gemaakt waarin mijn twee kinderen en ik figureerden. Ik weet nog dat ik voor de foto ‘in mijn broek gepoept’ een jongetje, niet mijn zoon trouwens, een koude natte ‘kledder’ van ontbijtkoek en rode kool in zijn kruis drukte waarvan hij verschrikkelijk schrok! Dat leverde een mooie foto op.”

This slideshow requires JavaScript.

“Het decor was zo ongeveer ‘uni-color’, alleen de dingen waar het in die aflevering over ging of belangrijke dingen voor kinderen, zoals het speelgoed, waren ‘full-color’ en kregen zo alle aandacht. Het programma kreeg in 1979 de Nipkovschrijf. Het is nog steeds een van mijn lievelings-kinder-programma’s! De vergaderingen in ‘Hof van Holland’ in Hilversum met het schrijverscollectief en Harrie Bannink, waarbij iedereen zijn plannen inbracht en toetste, zal ik nooit vergeten.”

Cronenberg & Spier

Screenshot from 2014-06-06 18:47:53
Bij EYE in Amsterdam worden dezer dagen rekwisieten, props en artwork voor de aankomende tentoonstelling over regisseur David Cronenberg (open vanaf 22 juni) uitgeladen en opgesteld. Cronenberg werkt bijna altijd samen met production designer Carol Spier, en zij is dus deels verantwoordelijk voor die typische viscerale science-fiction look in films als Videodrome (1983), The Fly (1986), Dead Ringers (1988), Naked Lunch (1991) en eXistenZ (1999).

In 2012 was Spier te gast bij het IFFR en werd ze geinterviewd door ‘designprofessor’ Timo de Rijk. Het hele interview is gefilmd en online te zien op het YouTube-account van het IFFR. Een goede voorbereiding op de tentoonstelling waar hopelijk veel van haar werk te zien is.

Lingo, Motus

Naast het zoekwerk in de depots bij Beeld en Geluid ben ik nog steeds bezig met het verzamelen van biografische informatie en oeuvrelijsten van decorontwerpers. Zo heeft bijvoorbeeld Gonny Geerlings (die sommige misschien kennen als Gonny Stoffers) vandaag een pagina gekregen in de Beeldengeluidwiki.nl.

Decorontwerp Lingo (VARA, 1989-1995) - prive-archief Gonny Geerlings

Decorontwerp Lingo (VARA, 1989-1995) – prive-archief Gonny Geerlings

Bij haar verhuizing naar Frankrijk heeft zij bijna haar hele archief aan decorontwerpen weg moeten doen, maar gelukkig zijn er een paar dingen ontsnapt aan de papierversnipperaar. Zoals haar ontwerpen voor Lingo (VARA, 1989-1995). Geerlings heeft zeer goede herinneringen aan dit programma en de samenwerking met de opdrachtgever IDTV. Lingo blijkt na het eerste seizoen een hit en voor het tweede seizoen gaat het decorbudget dus omhoog. Het concept blijft hetzelfde maar er er kan nu veel meer qua licht en techniek. Het programma slaat zelfs internationaal aan en IDTV verkoopt het format in 1990 al aan het Franse Antenne 2. Inclusief de vormgeving!

Foto’s afscheidsfeest Jan P. Koenraads

Freek Biesiot stuurde deze foto’s uit 1978 van het afscheidsfeest van Jan P. Koenraads. Van Koenraads zijn (net als van veel andere decorontwerpers) maar een paar tekeningen bewaard gebleven. Freek bewaarde enkele schetsen en incidenteel komen er via programmamakers of omroepmedewerkers nog tekeningen naar boven. Op de overzichtspagina van Jan P. Koenraads op deze site kan je zien wat er tot nu toe gevonden is aan werk van Koenraads en waar dat bewaard wordt en/of te zien is. Ken je iemand die nog werk van Koenraads of een andere decorontwerper aan de muur heeft hangen? Laat van je horen!

Dossier Freek Biesiot

Op de website van Beeld en Geluid is een dossier te vinden over Freek Biesiot en zijn archief dat nu beheerd wordt door het instituut. Met dossiers brengt Beeld en Geluid onderwerpen of makers onder de aandacht van een breed publiek. Het dossier van Freek bestaat uit een filmpje, artikelen en een selectie beeldmateriaal uit zijn archief van decortekeningen, maquettes en ander programmamateriaal. Via deze link is het dossier te vinden: http://www.beeldengeluid.nl/freekbiesiot

20140424-113132.jpg

Eindstation voor collectie Biesiot

Het archief van Freek Biesiot heeft inmiddels zijn laatste bestemming bereikt. De dozen met ontwerpen, rekwisieten en maquettes staan hier veilig in een betonnen kelder, vier verdiepingen onder de grond in een ruimte met klimaat- en luchtbeheersing waar maar een handje vol mensen toegang toe heeft. Een stuk minder gezellig dan in de hallen in het Decorcentrum bij Hollandse Handen, maar zo blijft het materiaal zo lang mogelijk in goede staat.

In hetzelfde depot staan trouwens een aantal decormaquettes: een maquette voor De Rudi Carrell show van Hans Christiaan van Langeveld, Sesamstraat van Dorus van der Linden en het statige grachtenpand uit De klop op de deur waar Fokke Duetz, Els Salomons en Cor Hermeler aan werkten. De ontwerpen van Freek verkeren dus in goed gezelschap.

IMG-20140402-00503

Van Maagdenhuis naar New Babylon

We hadden er niet zo’n mooie dag voor uitgekozen (regen), maar toch was het een interessant uitstapje: Jan van der Does wilde graag nog eens rondkijken in Bussum en Hilversum op de plekken waar hij als grafisch ontwerper, decorontwerper en chef had gewerkt. Maar helaas, van het Irene-kerkje, de Ambachtsschool en het Maagdenhuis is niets meer over. Ook studio IIIb (Eltheto), studio Vitus en het oude decorcentrum Kampstraat zijn weg. Eigenlijk staat alleen Concordia nog overeind. Nu worden daar overdag kinderen opgevangen, vroeger nam men hier shows met publiek op. Dat was door het hoge podium altijd een heel gedoe, want til zo’n zware dolly er maar eens op! En dan kraakte de vloer ook eens verschrikkelijk. Het werd allemaal een stuk professioneler met de verhuizing naar Hilversum.

Het gebouw in Hilversum (Emmastraat 54) waar de hoofdafdeling ontwerp tussen 1960 en 1970 huisde, is er ook al niet meer. Maar alleen al het parkeertereintje achter het nieuwe gebouw riep al een hoop herinneringen op. De wat jongere decorontwerpers, waaronder Biesiot, zaten in de serre aan de achterzijde en keken uit op de parkeerplaats. Biesiot weet nog precies wie welke auto reed. Van der Does had bijvoorbeeld een Volkswagen Passat stationwagen. Biesiot biechtte op dat hij, en vele andere ontwerpers, regelmatig uit het raam klom om even te ‘spijbelen’. Van der Does, Peter Zwart en administrateur Will Meester zaten aan de voorzijde van het gebouw, boven de officiële ingang en hadden zodoende niets in de gaten.

Emmastraat 54, Bussum © Beeld en Geluid

Emmastraat 54, Bussum © Beeld en Geluid

Het mediapark is heel wat minder veranderd dan Bussum de afgelopen jaren. Decorbouw is welliswaar afgeslankt en opgeschud; waar vroeger het houtmagazijn zat, is nu het decoratieatelier en waar eerst de stoffeerderij was, is nu machinale houtbewerking, enzovoorts. Alleen de smederij is nog steeds op dezelfde plek te vinden. De decorontwerpers zaten tussen 1970 en 1978 op de etage boven de ingang van het Decorcentrum, waar nu omroep MAX gevestigd is. Van de vriendelijke receptioniste -die precies op de plek zat waar Biesiot kantoor hield toen hij chef van de afdeling was- mochten we ook even op de ‘kantoortuin’ rondlopen en wijzen: wie zat ook alweer waar?

Indeling begane grond Decorcentrum in de jaren zeventig en tachtig  (met dank aan Johan Veenstra)

Indeling begane grond Decorcentrum in de jaren zeventig en tachtig (met dank aan Johan Veenstra)

Maar de verhalen en herinneringen waren eigenlijk al bij de koffie aan het begin van dit bijzondere uitje losgekomen na het zien van foto’s uit de tijd dat al die gebouwen er nog wel stonden (uit de archieven van de Historische Kring Bussum en het Instituut voor Beeld en Geluid). De voormalig-chefs memoreerden aan de moeizame vooruitgang, uitbreidingen en professionalisering op televisie-facilitair gebied. Vooruitgang van de NTS was in de ogen van de omroepverenigingen bedreigend, omdat de NTS/NOS immers ook een zendgemachtigde en dus een concurrent was. Het model van de BBC zagen Van der Does en Biesiot wel zitten, maar gezien de politieke situatie was dat toen ondenkbaar. En als de decorontwerpers in dienst waren getreden bij de omroepen? Dan was er weer geen afdeling geweest waarbinnen jonge ontwerpers, afgestudeerd in publiciteit of grafisch ontwerp -een opleiding scenografie bestond nog niet-, het vak hadden kunnen leren.

We eindigden het nostalgische tripje op een symbolische plek: (voorbouw)hal C. In deze ruimte projecteerde Biesiot eind jaren tachtig zijn plan voor een ‘exodus’ van decorontwerp uit de verstikkende ‘marmergroeve’. Zou de afdeling decorontwerp niet beter af zijn met een zelf geïnitieerde uitbraak, dan zinloos te blijven vechten om hun positie binnen de NOS te behouden? We zullen het nooit weten want in hal C kwam geen ‘New Babylon’, zoals Biesiot dat zich toen voorstelde. En zo hebben we in een middag alle lokaties die een rol speelden in de geschiedenis van de afdeling decorontwerp bezocht, van de twee kleine kamertjes in het Maagdenhuis tot de toekomstdroom in Hal C.