Eppo Doeve

Vandaag 56 jaar geleden werd het Verdrag van New York getekend. Nederland droeg daarmee Nieuw-Guinea over onder druk van de internationale gemeenschap en een dreigende oorlog met Indonesië. Eppo Doeve en Alexander Pola maakten er een fabel van voor het NCRV-actualiteitenrubriek programma Attentie.

(A) Eppo, waar ben je Eppo?
(E) Hier!
(A) Wat doe je Eppo?
(E) Ik teken een dier.
(A) Welk dier?
(E) Een vos
(A) Een vos? Dat kan.
(Samen zingend:) Daar maken wij een fabel van.

(A) De vos en de vrijheid

Eens sprak de vos
het is een schande
niet alle dieren in den lande
zijn -en dat moet  toch volgens mij-
nog onafhankelijk en vrij

De beer laat bijenvolken zweten
Wijl hij hun honing graag wil eten
De mier maakt van de luizen een slaven
Om zich aan luizenmelk te laven
En menig dier schijnt enkel goed
Om vlooien te voorzien van bloed

“Dit” sprak de vos “moet anders worden
Weg met de parasieten horde!
Vol plechtigheid verklaar ik hier
Dat ik de rechten van het dier
– dat is dus the declaration of animal rights-
voortaan voor eeuwig met een ferme en sterke houding zal beschermen.

Elk dier moet voortaan zelf beschikken
Hij hoeft van anderen niets te slikken
“Wie anderen uitbuit” sprak hij koen
“Die krijgt vooraan met mij te doen”

(geluid van een raket)

Vol vreugde schaarden zich de dieren
Om vrij te zijn van vlo en mieren
En heer te zijn in het eigen bos
Achter de fakkel van de vos

Parasiteren werd verbooien
En alle kleintjes, mieren, vlooien
En ook belette men de beren
Hun bijenvolken te vermeeren
Een beer is groter dan een vlo
Dus geen verbod maar status quo

Maar zie daar komt zich in die dagen
De paradijsvogel beklagen
Hij vraagt de vos om bijstand want
De tijger is op hem gebrand
Het blijkt dat het de tijgers eis is
Daar diens bos, meent hij het paradijs is
De paradijsvogels te schaken
En die zich thuis te laten smaken

De vos, die strijder voor het recht
Zegt daarop: “foei dat treft nu slecht
De tijger kan zich met de beren
Tegen mijn jachtterrein gaan keren
Dus hou ik, hoewel hij het niet verdient
De tijger toch wel graag te vriend

Je zult zelf dus dit beschil beslechten
Ten slot heeft ook een tijger rechten
Hem staat het met u zijn honger stillen
Zo vrij als u dat niet te willen
En vrijheid is het hoogste goed
Dat zei ik al, dat steeds verdedigt worden moet

Van dit verhaal is de moraal:
Men kan, dat mag met nooit vergeten
Zelfs een onmetelijk ideaal
(samen) Steeds met twee diplomaten meten

Titelkaarten van Doeve

Omdat de tentoonstelling bij Arti et Amicitiae nog maar één week te zien is, blog ik hier nog even door over Eppo Doeve. De illustrator was vele malen op de televisie te zien als illustrator en ‘bekende Nederlander’. Waarschijnlijk vaker dan we ooit kunnen achterhalen. Uit de jaren vijftig zijn veel foto’s van zijn televisieoptredens bewaard gebleven (te zien in deze gallery in de Beeldengeluidwiki.nl), de fabels van Pola en Doeve zijn ook terug te zien (bij het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid) en uit het omvangrijke Doeve-onderzoek van Jop Euwijk van het Persmuseum komen ook af en toe televisie-ontwerpen naar boven. Zoals deze set titelkaarten voor liedjes van Charles Aznavour.

This slideshow requires JavaScript.

Vermoedelijk gaat het om een AVRO-uitzending van Club Domino van regisseur Karel Prior Voor de AVRO. Dat geeft meerdere mogelijkheden. Het kan kan om een optreden van Aznavour in het Kurhaus. Dat optreden werd in twee delen opgenomen in eind 1964 en uitgezonden in december 1964 en juni 1965. Maar misschien zijn ze wel eerder gebruikt tijdens een optreden in Theater Domino van 17 mei 1963. In ieder geval zijn ze niet in kleur uitgezonden, dat was waarschijnlijk om de artiest en het publiek in de zaal te bekoren.

Peter Zwart: Kostuumontwerpen

In de Doeve-tentoonstelling zijn naast grafische ontwerpen, schilderijen, de televisiefabels en monumentale werken ook decorontwerpen en kostuumontwerpen te zien. Daardoor gingen mijn gedachten tijdens het tentoonstellingsbezoek ook uit naar een andere alleskunner en tijdgenoot van Doeve: Nederlandse eerste ontwerper bij de televisie, Peter Zwart.

Waarschijnlijk hebben ze elkaar gekend of op zijn minst ontmoet. Peter Zwart woonde sinds 1942 in Laren en Doeve woonde tussen 1936 en 1948 ook in het Gooi. Hoewel Doeve lid was van ‘De Vereniging van Beeldende Kunstenaars Laren-Blaricum’ en Zwart van de daarvan afgesplitste ‘De Gooische schildersvereniging’ hebben ze beide affiches ontworpen voor tentoonstellingen en feesten in Hotel Hamdorff, het thuishonk van deze twee verenigingen.

Maar terug naar decors en kostuums. Anne-Mieke Bovelett, de kleindochter van Peter Zwart, liet me onderstaande kostuumschetsen zien. Haar grootvader maakte ze voor de opera De ontvoering uit het Serail (KRO, 15-09-1963), voor televisie geregisseerd door Ben Mettrop. Constanze, een Spaanse jonkvrouw wordt ontvoerd en aan de harem van de Turkse keizer Bassa Selim toegevoegd. Haar verloofde Belmonte probeert haar met een list te bevrijden. Verrassend voor een opera: er gaat niemand dood aan deze liefdesperikelen.

‘Nieuwe’ Doeve-fabels opgedoken

UPDATE 3-6-2013: De fabels zijn verkocht. Een anonieme Doeve-liefhebber heeft ze aan het Persmuseum geschonken.

Ergens in de jaren tachtig zijn ze achtergelaten in een huis in Hilversum. Gelukkig kreeg De Larense Kunsthandel  er toen lucht van en stelde de 25 rollen papier veilig. De fabels hieronder zijn dus te koop.

This slideshow requires JavaScript.

De 25 rollen papier bevatten de illustraties van Eppo Doeve bij de fabels van Alexander Pola voor NCRV’s Hier en nu, gemaakt eind jaren zeventig. Het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid bezit tien van deze rollen met afmetingen van 3 meter breed en tot wel 10 meter lang. Op een rol papier staan soms wel zes verschillende fabels. De fabels van de Larense kunsthandel zijn waarschijnlijk losgeknipt, de afmetingen variëren namelijk van 2 bij 2 m. tot 60 bij 60 cm. Er zitten erg goeie prenten bij, bijvoorbeeld over de ‘Bloed aan de paal’-actie van Freek de Jonge en Bram Vermeulen. De bijbehorende teksten van de fabels zijn allemaal te achterhalen via de televisiecollectie van Beeld en Geluid. Zit er iets van je gading bij? Neem contact op met de Larense Kunsthandel.

De televisiefabels van Eppo Doeve

Tot 14 juli loopt de overzichtstentoonstelling over Eppo Doeve bij Arti et Amicitiae. Van Doeve wordt vaak gezegd dat hij alles kon, er is dus in de tentoonstelling veel verschillend werk te zien. Jop Euwijk, Doeve-expert en samensteller van de tentoonstelling, vroeg experts op verschillende vakgebieden naar hun favoriete Doeve-werk. Ik koos voor de fabels van Doeve en Alexander Pola voor Hier en nu uit de jaren zeventig. Hieronder een toelichting op die keuze. Dit stuk staat ook in Aether nummer 108, juni 2013. In de Beeldengeluidwiki.nl is meer beeldmateriaal te zien uit Doeves televisiecarrière.

Grote rollen papier met televisiefabels. “De fabel van de Uyl en zijn familieleden” van Eppo Doeve voor NCRV’s Hier en nu, 3-11-1977. Collectie Beeld en Geluid, foto Jop Euwijk

Grote rollen papier met televisiefabels. “De fabel van de Uyl en zijn familieleden” van Eppo Doeve voor NCRV’s Hier en nu, 3-11-1977. © Beeld en Geluid, foto: Jop Euwijk

De eerste keer dat ik door de depots van Beeld en Geluid liep, wekte ze al mijn interesse. Op een  stevige stellage hingen ongeveer tien rollen papier van zo’n drie meter breed. Veel te breed voor een titelrol -waar ik eigenlijk naar op zoek was- maar te klein voor een toneeldoek. Helaas laat zo’n  groot stuk papier dat decennia opgerold zit zich niet gemakkelijk uitrollen. De scheuren en beschadigingen aan het uiteinde van het papier maakten dat wel duidelijk. Ik moest het voorlopig doen met de informatie dat het om fabels van tekenaar Eppo Doeve ging voor het programma Hier en nu (NCRV).

Met het onderzoek naar de nalatenschap van Eppo Doeve door het Persmuseum, diende zich eindelijk een excuus aan om de rollen één voor één uit te rollen en aan nader onderzoek te onderwerpen. Een klusje waar we met een team van vier een hele dag mee bezig zijn geweest. Het uitzonderlijke formaat maakt de tekeningen erg kwetsbaar, één van de rollen is bijna helemaal doormidden gescheurd.  Jop Euwijk, de beoogde biograaf van Doeve en tevens samensteller van de Doeve-tentoonstellingen in het Persmuseum en Arti et Amicitiae, was erbij en maakte de foto’s bij dit artikel. Ondertussen digitaliseerde Beeld en Geluid de originele filmopnames van de afgebeelde fabels waarvan er een aantal vertoond worden tijdens de Doeve-tentoonstelling in Arti et Amicitiae.

Gestempelde mieren en de signaturen van de medewerkers aan ‘De fabel van de nijvere mieren”, uitgezonden in NCRV’s Hier en nu, 20-8-1977 © Beeld en Geluid


Hoewel Doeve een goede sneltekenaar was – dat bewees hij tijdens zijn optredens in diverse televisieshows in de jaren vijftig en zestig-  werden de fabels van te voren opgenomen op 16mm film. Dat was de gebruikelijke manier van werken voor een actualiteitenrubriek, de items werden van te voren gemaakt en alleen de presentatie in de studio was live. Deze productiewijze had zeker ook voor een tekenaar voordelen. Interessant is om te zien in welke mate Doeve die voordelen benutte.

Eppo Doeve tekende op de rollen papier de fabels van Alexander Pola die meestal verband hielden met één of meerdere reportages in het programma. De fabels reflecteerden op binnen- en buitenlandse politieke en maatschappelijke gebeurtenissen waarbij Pola met een goed oog voor hypocrisie en creatief gebruik makend van analogieën uit het dierenrijk de gebeurtenissen becommentarieerde. Pola en Doeve werkten al eerder, tussen 1960 en 1964, samen voor NCRV’s actualiteitenrubriek Attentie, de voorloper van Hier en nu. Deze fabels begonnen altijd met een korte scene die volgens een vast stramien verliep. Pola is op zoek naar Doeve, Doeve is ergens een dier aan het tekenen, Pola zegt “dat kan” en ze  besluiten met een gezamenlijk “daar maken wij een fabel van”. Vervolgens horen we Pola de fabel voordragen terwijl de camera gericht is op het paper waar Doeve’s arm razendsnel de fabel op illustreert.

Eppo Doeve en Alexander Pola: “De fabel van de vos en de vrijheid” in NCRV’s Attentie, vermoedelijk uitgezonden in 1961. De moraal: "Men kan, dat mag met nooit vergeten, zelfs een onmetelijk ideaal  steeds met twee diplomaten meten." Onderwerp: Indonesië wil Nederlands Nieuw-Guinea inlijven, de VS kijkt weg. Collectie: Beeld en Geluid

Eppo Doeve en Alexander Pola: “De fabel van de vos en de vrijheid” in NCRV’s Attentie, vermoedelijk uitgezonden in 1961. De moraal: “Men kan, dat mag met nooit vergeten, zelfs een onmetelijk ideaal
steeds met twee diplomaten meten.” Onderwerp: Indonesië wil Nederlands Nieuw-Guinea inlijven, de VS kijkt weg. © Beeld en Geluid

Van de zwart-wit fabels is niet bekend of de tekeningen er nog zijn, maar er zijn wel enkele filmpjes bewaard. Hierin is te zien dat Doeze zich beperkt tot zwarte stift en één grijstint (waterverf of verdunde inkt) en dat hij de fabeldieren doorgaans afbeeldt op een leeg, wit vel papier. Het tekenvel staat op een ezel en heeft ongeveer het formaat van 100 cm hoog en 150 cm breed. In de opnames is nauwelijks gesneden, ze bestaan (met uitzondering van de introductie scene) grotendeels uit één take van ruim 2 minuten. Dat vergde waarschijnlijk veel oefening en voorbereiding van het team en vooral van Doeve. Dat zie je dan ook terug in de filmpjes. Sommige delen van de tekening zijn al van te voren getekend en soms zijn er voorgetekende dunne potloodlijnen te zien. Maar een groot deel van de fabel maakte Doeve ‘live’ voor de draaiende camera.

De grote rollen papier bij Beeld en Geluid bevatten de fabels van Doeve en Pola uit de jaren zeventig. De Hier en nu-fabels van Pola duren vier en een halve minuut, ruim twee keer langer dan bij Attentie en dat verklaart misschien het grotere papierformaat. Ook de overgang van zwart-wit naar kleurentelevisie heeft gevolgen. De fabeldieren en de achtergronden zijn in kleur en vrij gedetailleerd. In de vroege jaren zestig moesten illustratoren en grafici zich zorgen maken of hun ontwerp wel duidelijk te zien zou zijn voor de kijkers thuis. Dat betekende dikke lijnen en veel contrast. Maar eind jaren zeventig is de beeldkwaliteit zo verbeterd dat alles goed te zien is. Het heeft nu wél zin om gedetailleerde, ingekleurde achtergronden te tekenen zoals de volle tribunes in “De fabel van de mooie hazewind” (Hier en nu, NCRV, 17-11-1977).

Hazewind Johan Cruijf voor een vol stadium in “De fabel van de mooie hazewind” van Eppo Doeve voor NCRV’s Hier en nu, 17-11-1977. Collectie: Beeld en Geluid.

Hazewind Johan Cruijf voor een vol stadium in “De fabel van de mooie hazewind” van Eppo Doeve voor NCRV’s Hier en nu, 17-11-1977. © Beeld en Geluid, foto: Jop Euwijk

Kleur, een betere beeldkwaliteit en een langere fabel maken dat Doeve veel minder ‘live’ in beeld aan het tekenen is. Meer delen van de tekening, zeker de achtergronden, zijn van te voren al op het papier gezet. Met behulp van de stop-motion techniek en opnames met een lagere ‘framerate’ smokkelen de makers met de tijd. Dan zijn opeens Doeve’s pentekeningen ingekleurd of beweegt zijn hand zich nét iets sneller dan mogelijk is. Doeve gebruikt verschillende tekentechnieken om sneller en meer in beeld te brengen. Zo stempelt hij in “De fabel van de nijvere nieren” (Hier en nu, NCRV, 20-8-1977) een leger van kleine mieren en in “De fabel van de twee Ierse setters” (Hier en nu, NCRV, 27-11-1976) spuit hij met een rode verfbus in een paar seconden een waar bloedbad op het papier.

Bedolven onder luxe, fragment uit “De fabel van de brave muizen” van Eppo Doeve voor NCRV’s Hier en nu, 30-4-1977. Collectie: Beeld en Geluid.

Bedolven onder luxe, fragment uit “De fabel van de brave muizen” van Eppo Doeve voor NCRV’s Hier en nu, 30-4-1977. © Beeld en Geluid, foto: Jop Euwijk.

De vergelijking tussen de Attentie-fabels en de Hier en nu-fabels laat goed zien hoe televisie zich in professionele, technische en esthetische zin ontwikkelde, maar ook dat de rol van de tekenaar op televisie veranderde. In de jaren zestig zijn de fabels geënsceneerd als een optreden van een sneltekenaar. In de Hier en nu-fabels staat de kwaliteit van de tekening centraal. Er is meer aandacht voor kleur, detaillering en beweging. Want de stop-motion techniek wordt niet alleen gebruikt om het tempo op te voeren, maar ook om delen van de tekening te animeren. In “De fabel van de brave muizen” (uit Hier en nu, NCRV, 30-4-1977) bijvoorbeeld, laat Doeve spullen uit de hoorn van welvaart op de muizen vallen. Op de papieren rol zien we dat terug als uitgeknipte televisies en auto’s die één voor één met lijm over de muizen geplakt zijn.

Nixon huilt krokodillentranen, fragment uit “De fabel van de twee apen” van Eppo Doeve voor NCRV’s Hier en nu, 29-10-1976. Collectie Beeld en Geluid.

Nixon huilt krokodillentranen, fragment uit “De fabel van de twee apen” van Eppo Doeve voor NCRV’s Hier en nu, 29-10-1976. © Beeld en Geluid, foto: Jop Euwijk.

De bewaard gebleven filmrolletjes met de fabels waren toen wij met z’n vieren de rollen bekeken nog niet gedigitaliseerd. Wat een interpretatie vanaf het papier bemoeilijkt, is dat daar alleen het eindresultaat te zien is. De volgorde van afzonderlijk delen van de tekening en veel van Pola’s beeldspraak die Doeve tekende – soms letterlijk, soms figuurlijk –  is niet meer zichtbaar. Dat geldt bijvoorbeeld voor de overvolle en rommelig aandoende karikatuur van de afgetreden Amerikaanse president Nixon in “De fabel van de twee apen” (Hier en nu, NCRV, 30-10-1976). In het filmpje wordt duidelijk dat elk onderdeel van deze illustratie een betekenis heeft die in perfecte synchronisatie met Pola’s tekst uitgebeeld is. Watergate wordt een poort met een waterstroompje, waarin Nixon krokodillentranen huilt en op het laatst door de mand valt.

Het is dus voor ons een geluk dat Doeve deze fabels niet live in de studio illustreerde. Want als hij dat had gedaan dan waren er waarschijnlijk geen bewegende beelden meer van. Dan wisten we nu nog steeds niet wat Doeve’s illustraties op die eigenaardige lange rollen papier op een stellage ergens in de depots van Beeld en Geluid precies betekenden.

Meer lezen en kijken:
Foto’s en beeldmateriaal uit de collectie van Beeld en Geluid in de Beeldengeluidwiki.nl
Bezoek de tentoonstellingen bij Arti et Amicitiae (tot 17 juli) en het Persmuseum (tot 1 september)
Bestel de Elsevier special Ter Herinnering: Eppo Doeve
Kom naar de lezing van Doeve-Jop Euwijk en reclamekenner Wilbert Schreurs bij NRC in Amsterdam dinsdag 18 juni

Televisiestrips

Doeve-elsevierVandaag op de deurmat: de speciale uitgave van Elsevier over illustrator Eppo Doeve. Jop Euwijk, Doeve-onderzoeker en samensteller van de twee Doeve-tentoonstellingen deze zomer schreef over het leven en werk van de duivelskunstenaar. Natuurlijk besteedt Euwijk ook aandacht aan Doeve als televisiefenomeen.

Er is bijzonder artwork te zien op pagina 76 en 77: één van de televisiestrips die Doeve en regisseur Leen Timp maakte midden jaren vijftig. Euwijk vond een fotoreproductie van twee lange horizontale rollen papier met illustraties bij het verhaal van de buikspreker Max Collodi en zijn glazen oog. Het verhaal werd voorgelezen en de cameraman reed langs de lange rollen met illustraties van scene naar scene.

doeve-tv-spreads

Van een andere televisiestrip, Pancho Villa (AVRO, 17-11-1955), zijn achter de schermen-foto’s. Zo kunnen we zien dat er voor dat verhaal twee camera’s gebruikt zijn, elk gericht op een horizontale langwerpige tekening én een verticale tekening. Op de verticale illustratie links wentelt een lange trap omhoog en bij de rechter opstelling maakt een man een dramatische val. Het resultaat viel in de smaak bij televisierecensenten.

De werkwijze bij deze televisiestrips scheelde een hoop tijd en geld in vergelijking met het maken van een animatiefilm. En het kon gewoon direct de lucht in, zonder al te veel studio-ruimte in te nemen. Achter de opstelling van Doeve’s televisiestrip is te zien dat de weerkaart al klaar staat.

Opnames van televisiestrip Panco Villa 17-11-1955 © Beeld en Geluid

Meer over Doeve:
– tot 1 september in het Persmuseum: tentoonstelling politieke tekeningen over economische crisis
– van 15 juni tot 15 juli in Arti: tentoonstelling met selectie van illustraties, boekomslagen, affiches, tv, etc.
– speciale uitgave Elsevier: bestel hier (8,95)
– gallery met beeldmateriaal van en over Doeve uit de collectie van Beelden geluid in de Beeldengeluidwiki.nl

Eppo Doeve in het Persmuseum

Aankondiging van de tentoonstelling over Eppo Doeves politieke prenten over de crisis in het Persmuseum

Aankondiging van de tentoonstelling over Eppo Doeves politieke prenten over de crisis in het Persmuseum

Vanavond opent in het Persmuseum een tentoonstelling van Eppo Doeves spotprenten over crisis en de Nederlandse economie. Maar Doeve was niet alleen politiek tekenaar, hij ontwierp decors en kostuums, bankbiljetten, postzegels, affiches, boekomslagen, maakte monumentale muurschilderingen, illustraties, schilderijen én hij werkte regelmatig voor televisie.

Jop Euwijk, initiator van de tentoonstelling en het onderzoek naar Doeves nalatenschap, vertelde al over het televisiewerk van Doeve tijdens het symposium /boekpresentatie in april 2011. Doeve is regelmatig als illustrator of als gast op televisie te zien. De meeste mensen kennen hem van de fabels die hij samen met Alexander Pola maakte voor Attentie (NCRV) in de jaren zestig en Hier en Nu (NCRV) eind jaren zeventig. Maar Doeve was al op 2 november 1951 op televisie, dat is één maand na de officiële eerste Nederlandse televisie uitzending.

Illustratoren worden in de jaren vijftig regelmatig uitgenodigd om voor de camera hun ‘kunstje’ te vertonen. Zo zien we op de foto’s uit het archief van het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid (tv-opnames uit de jaren vijftig zijn er bijna niet) onder andere ook Cees Bantziger en Frans Lammers verschijnen. Er werden niet alleen veel illustratoren uitgenodigd, de foto’s laten ook zien dat ze volop experimenteren met vormen en technieken. Ze tekenen live op schildersezels of lange horizontale rollen met papier, soms met meerdere illustratoren tegelijk, er wordt in spiegelbeeld getekend op doorzichtig papier dat recht voor de camera hangt, ze gebruiken installaties met draaischijven en glazen plaatjes, en maken tekeningen met onderdelen die met behulp van schuifjes, ijzerdraadjes en splitpennen kunnen bewegen. Kortom, men is op zoek naar manieren om illustratie aantrekkelijk te maken voor televisie.

Bewegende illustratie bestond natuurlijk al veel langer. Animatiefilms bestaan al vanaf de vroege dagen van de uitvinding van film. Hoewel televisie zich qua vorm en inhoud baseert op bestaande media, zoals theater en radio, is het toepassen van filmische technieken lange tijd niet of nauwelijks mogelijk. Het produceren van een animatie kost immers veel tijd en geld. En daarvan is in de jaren vijftig continue een groot gebrek. Aan de diversiteit van de eerder genoemde voorbeelden en de hoeveelheid illustratoren in televisieprogramma’s blijkt dat de behoefte aan animatie, bewegende grafiek en/of illustratie leidt tot allerlei inventieve manieren om live ‘bewegende illustratie’ te creëren.

Foto's van een televisieoptreden van Eppo Doeve in de jaren vijftig. Naast hem staat omroepster Tanja Koen (NCRV). Collectie: Persmusuem

Foto’s van een televisieoptreden van Eppo Doeve in de jaren vijftig. Naast hem staat omroepster Tanja Koen (NCRV). Collectie: Persmusuem

Doeve is buitengewoon geschikt voor televisie. Niet alleen kan hij snel tekenen – een belangrijke voorwaarde voor televisie – hij kan daarnaast nog veel meer ‘kunstjes’. Hij kan bijvoorbeeld met twee handen tegelijkertijd tekenen, of ondersteboven, hij kan musiceren en heeft een gezellige uitstraling. Bovendien is hij door zijn ontwerp van de Nederlandse bankbiljetten na de Tweede Wereldoorlog een bekende Nederlander geworden. Hij heeft programmamakers dus veel te bieden.

De prominente rol voor illustratie en illustratoren op televisie zoals in de jaren vijftig lijkt in de loop van de jaren zestig te veranderen. Televisie professionaliseert, groeit hard en de NTS afdeling die titels, illustraties en decors verzorgd, groeit navenant. Het is onduidelijk hoe deze ontwikkeling zich precies verhoudt tot de afnemende prominentie van andere illustratoren op televisie. Misschien maken programmamakers liever gebruik van de ‘gratis’ diensten van de NTS-ers of misschien raakt de illustrator die zijn of haar kunstje doet in een programma simpelweg uit de mode. Hoewel illustratie niet van het beeldscherm verdwijnt, verdwijnt langzaamaan de illustrator uit de spotlights.

Maar dat geldt niet voor Doeve, de ‘duivelskunstenaar’ die alles kan. Door zijn dubbele rol als illustrator en bekende Nederlander blijft hij tot eind jaren zeventig een graag geziene gast bij radio en televisie. Ook na zijn verlijden in 1981 besteden veel programma’s aandacht aan zijn nalatenschap. De komende maanden krijgen we de kans op (opnieuw) kennis te maken met Doeve.

Vanaf vanavond tot 1 september is een klein deel van Doeves nalatenschap te zien in het Persmuseum. Later, van 14 juni tot en met 14 juli, is bij Arti et Amicitiae een veel grotere en gevarieerde selectie van zijn werk te bewonderen. Ook aan Doeves televisie illustraties en andere optredens wordt dan aandacht geschonken. In de tussentijd zal ik op vormvanvermaak.nl en eppodoeve.nl af en toe inhaken op Doeve en zijn geschiedenis op de Nederlandse televisie.

Laatste aanvulling op het programma

De laatste spreker is geregeld en het programma voor het symposium en boekpresentatie is rond. Jop Euwijk presenteert de 14e zijn onderzoek naar het leven en werk van Eppo Doeve (1907-1981). Doeve is vooral bekend als politiek tekenaar voor Elsevier, hij schilderde en heeft bankbiljetten en boekomslagen ontworpen. Een illustrator, maar ook een televisiepersoonlijkheid. Samen met Alexander Pola maakte hij politieke fabels, eerst voor Attentie, in de jaren zeventig voor Hier en nu. Pola draagt de fabel voor terwijl Doeve voor de camera het verhaal tekent. Daarnaast trad Doeve op als muzikant en hij was te gast in Wie van de drie en een show met illusionist Chan Canasta. Een veelzijdig man die Doeve.

Doeve en Pola nemen een fabel op, foto uit de collectie van het Persmuseum

Jop Euwijk is onderzoeksmedewerker bij het Persmuseum dat een groot deel van het werk van Doeve beheert. Euwijk studeerde in 2008 af met een onderzoek naar Doeve’s politieke spotprenten in Elsevier Weekend in de periode 1950-1969. Zijn scriptie is online te lezen (pdf): Politieke spotprenten van een magiër.